Centrale Raad van Beroep
ZW-uitkering terecht beëindigd per 1 juli 2023 omdat appellante meer dan 65% van haar maatmaninkomen kan verdienen
Beëindiging ZW-uitkering. Appellante is terecht in staat geacht om meer dan 65% te kunnen verdienen van het loon dat zij verdiende voordat zij ziek werd.
- ECLI-nummer
- ECLI:NL:CRVB:2026:755Lees de uitspraak
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Uitspraakdatum
- 10 juni 2026
In het kort
- Het Uwv beëindigde de ZW-uitkering van appellante per 1 juli 2023, omdat zij meer dan 65% van haar maatmaninkomen kon verdienen.
- De verzekeringsarts bezwaar en beroep schafte de urenbeperking af en voegde een beperking voor beroepsmatig vervoer toe in de FML van 3 juli 2024.
- Na de gewijzigde FML berekende de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep een verdiencapaciteit van 93,12% van het maatmaninkomen.
- Het rapport van Salude van 14 januari 2025 leidde niet tot twijfel, omdat niet bleek dat het betrekking had op de gezondheidssituatie per 1 juli 2023 en geen da
- De Centrale Raad van Beroep bevestigde op 10 juni 2026 de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 30 mei 2025.
Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?
Appellante werkte als tankstationmedewerkster voor gemiddeld 21,94 uur per week. Na een auto-ongeval op 30 mei 2022 meldde zij zich ziek met klachten aan nek, rug en schouders, cognitieve klachten, angstklachten en moeheidsklachten. Het Uwv kende haar een ZW-uitkering toe. In het kader van de Eerstejaars ZW-beoordeling stelde een primaire arts een FML op en een urenbeperking van twintig uur per week. Een arbeidsdeskundige selecteerde vier functies en berekende dat appellante 86,60% van haar maatmaninkomen kon verdienen. Het Uwv beëindigde de ZW-uitkering per 1 juli 2023 omdat appellante meer dan 65% van haar maatmaninkomen kon verdienen.
In bezwaar onderzocht de verzekeringsarts bezwaar en beroep appellante opnieuw, na de hoorzitting. Zij betrok informatie van de revalidatiearts, de reumatoloog en de fysiotherapeut bij haar beoordeling. Zij wijzigde de belastbaarheid door een beperking voor beroepsmatig vervoer toe te voegen en de urenbeperking te schrappen. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep stelde vast dat de eerder geselecteerde functies gelet op de gewijzigde FML van 3 juli 2024 nog altijd geschikt waren, en berekende dat appellante 93,12% van haar maatmaninkomen kon verdienen. Het bezwaar werd ongegrond verklaard.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond. Appellante had een rapport van Salude van 14 januari 2025 overgelegd, waarin GBM werd geconcludeerd. De verzekeringsarts bezwaar en beroep legde uit dat uit dat rapport niet viel af te leiden dat de beoordeling betrekking had op de gezondheidssituatie ten tijde van de datum in geding, en dat niet bleek welke problematiek objectiveerbaar was vastgesteld. Bovendien was in het rapport van Salude geen rekening gehouden met een dagverhaal of informatie van de behandelend sector.
In hoger beroep herhaalde appellante haar gronden: de geselecteerde functies zouden zwaarder zijn dan haar eigen werk, zij zou die functies niet kunnen vervullen, en het rapport van Salude zou GBM aantonen. De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank volledig. Het hoger beroep slaagt niet en de beëindiging van de ZW-uitkering per 1 juli 2023 blijft in stand.
Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?
De ZW-uitkering van appellante blijft beëindigd per 1 juli 2023, omdat de Centrale Raad van Beroep het oordeel van de rechtbank bevestigt. Een eigen rapport van een externe partij volstaat niet om de beoordeling van het Uwv te weerleggen als daaruit niet blijkt dat het de gezondheidssituatie op de datum in geding betreft en geen dagverhaal of behandelaarsinfo is meegenomen. Appellante ontvangt geen vergoeding voor proceskosten of griffierecht.
Vragen over deze uitspraak
Waarom werd de urenbeperking van twintig uur alsnog geschrapt?
De verzekeringsarts bezwaar en beroep schrapte de urenbeperking na eigen onderzoek en raadpleging van informatie van de revalidatiearts, de reumatoloog en de fysiotherapeut. Zij heeft voldoende toegelicht dat er geen reden is om het aantal uren dat appellante kan werken te beperken. De Raad onderschreef dit oordeel.
Waarom telde het rapport van Salude niet mee?
Uit het rapport van Salude viel niet af te leiden dat de beoordeling betrekking heeft op de gezondheidssituatie van appellante ten tijde van de datum in geding van 1 juli 2023. Daarnaast bleek niet welke problematiek objectiveerbaar was vastgesteld, en was geen rekening gehouden met een dagverhaal of informatie van de behandelend sector.
Wat was de verdiencapaciteit van appellante na herberekening in bezwaar?
Na de gewijzigde FML van 3 juli 2024 berekende de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep dat appellante 93,12% kon verdienen van haar maatmaninkomen. Dit lag ruim boven de drempel van 65% waarboven het recht op ZW-uitkering vervalt.
Krijgt appellante de proceskosten vergoed?
Nee, appellante krijgt geen vergoeding voor haar proceskosten en het betaalde griffierecht, omdat het hoger beroep niet slaagt.
Verwante uitspraken
- Beëindiging ZW-uitkering per 8 september 2023 is terecht omdat appellante meer dan 65% van haar maatmaninkomen kan verdienen8 oktober 2025
- Uwv wijst herzieningsverzoek maatmaninkomen WAZ terecht af omdat geen sprake is van nieuwe feiten en het oorspronkelijke besluit niet onmiskenbaar onjuist is3 juni 2026
- WIA-uitkering terecht geweigerd na herstel arbeidskundige grondslag voor maatmanomvang en maatmaninkomen11 februari 2026


