Centrale Raad van Beroep
Weigering WIA-uitkering na melding toegenomen arbeidsongeschiktheid blijft in stand omdat de FML voldoende beperkingen vastlegt
Weigering WIA-uitkering toe te kennen. Terecht geoordeeld dat bij appellant met ingang van 2 juli 2021 geen sprake is van toegenomen beperkingen uit dezelfde…
- ECLI-nummer
- ECLI:NL:CRVB:2025:1511Lees de uitspraak
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Uitspraakdatum
- 15 oktober 2025
In het kort
- De WIA-uitkering van appellant werd per 1 augustus 2018 beëindigd wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid; op 2 juli 2021 meldde hij zich opnieuw met toegen
- De verzekeringsarts bezwaar en beroep nam in de FML van 25 oktober 2021 toegenomen beperkingen aan, maar niet zodanig dat de drempel van 35% arbeidsongeschikthe
- Informatie van plastisch chirurg Van Kooten van 11 september 2024 gaf geen aanleiding voor verdergaande beperkingen, mede omdat die informatie van ruim na de da
- Voor de geclaimde toegenomen psychische beperkingen leverde appellant geen enkele medische onderbouwing.
- De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van rechtbank Overijssel van 26 september 2023 voor zover aangevochten.
Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?
Appellant werkte als operator voor gemiddeld 33,86 uur per week en meldde zich in november 2014 ziek met psychische klachten en verslavingsproblemen, later aangevuld met klachten aan de rechterhand en rechterarm. Na toekenning van een WIA-uitkering werd die per 1 augustus 2018 beëindigd omdat appellant minder dan 35 procent arbeidsongeschikt was. Op 2 juli 2021 meldde appellant zich opnieuw met toegenomen gezondheidsklachten. Het Uwv weigerde een nieuwe WIA-uitkering omdat de toegenomen beperkingen niet leidden tot een arbeidsongeschiktheid van 35 procent of meer.
In bezwaar stelde de verzekeringsarts bezwaar en beroep aanvankelijk dat de toegenomen beperkingen niet voortkwamen uit dezelfde ziekteoorzaak. Tijdens de zitting bij de rechtbank verliet het Uwv dat standpunt, waarop de rechtbank het bestreden besluit vernietigde wegens een motiveringsgebrek maar de rechtsgevolgen in stand liet. De rechtbank oordeelde dat de rapporten van de verzekeringsartsen overtuigend waren gemotiveerd en dat de medische informatie van appellant geen twijfel rechtvaardigde over de conclusies.
In hoger beroep voerde appellant aan dat met zijn klachten onvoldoende rekening was gehouden, zowel lichamelijk als psychisch, en dat verdergaande beperkingen hadden moeten worden opgenomen in de FML. De Raad deelt dit standpunt niet. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft in een rapport van 21 juli 2025 gemotiveerd waarom de informatie van plastisch chirurg Van Kooten van 11 september 2024 geen aanleiding geeft voor verdergaande beperkingen: de FML van 25 oktober 2021 hield al rekening met beperkingen aan de rechterhand en pols, er waren op de datum in geding geen ernstige bewegingsbeperkingen vastgesteld, en de informatie van de plastisch chirurg dateert van ruim na de datum in geding zodat slijtagesymptomen niet zonder meer teruggelegd kunnen worden naar die datum. Voor de gestelde psychische klachten leverde appellant geen enkele medische onderbouwing.
De Raad ziet geen aanleiding voor benoeming van een deskundige, omdat twijfel aan de medische beoordeling ontbreekt. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep heeft met het rapport van 27 februari 2023 de geschiktheid van de geselecteerde functies voldoende gemotiveerd. Het hoger beroep slaagt niet en de weigering van de WIA-uitkering blijft in stand.
Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?
De weigering van de WIA-uitkering blijft in stand, wat betekent dat appellant geen recht heeft op een uitkering op basis van zijn melding van 2 juli 2021. De Raad oordeelt dat de FML van 25 oktober 2021 al rekening houdt met de beperkingen aan de rechterhand en pols, en dat voor de gestelde psychische beperkingen geen medische onderbouwing is gegeven. Wie verdergaande beperkingen wil laten vaststellen, zal die met concrete medische informatie over de datum in geding moeten onderbouwen; informatie die van een latere datum stamt, volstaat daarvoor niet zonder meer.
Vragen over deze uitspraak
Waarom krijgt appellant geen nieuwe WIA-uitkering ondanks toegenomen klachten?
De verzekeringsartsen hebben wel toegenomen beperkingen vastgelegd in de FML van 25 oktober 2021, maar die beperkingen leiden nog steeds tot een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%. Appellant onderbouwde zijn claim op verdergaande psychische beperkingen niet met medische informatie, en de informatie over zijn rechterhand dateert van ruim na de datum in geding.
Wat betekent het dat het Uwv zijn standpunt over de ziekteoorzaak heeft verlaten?
Tijdens de zitting bij de rechtbank accepteerde het Uwv alsnog dat de toegenomen beperkingen wél uit dezelfde ziekteoorzaak voortkomen als de oorspronkelijke WIA-aanvraag. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit van 29 juli 2022 wegens dit motiveringsgebrek, maar liet de rechtsgevolgen in stand omdat de weigering van de uitkering inhoudelijk standhield.
Waarom wordt de informatie van de plastisch chirurg niet meegenomen in de beoordeling?
De informatie van plastisch chirurg Van Kooten dateert van 11 september 2024, ruim na de datum in geding van 2 juli 2021. De verzekeringsarts bezwaar en beroep lichtte toe dat slijtage toeneemt in de loop der jaren en dat de bevindingen daarom niet zonder meer teruggelegd kunnen worden naar de datum in geding.
Op welke wettelijke grondslag wordt de herleving van de WIA-uitkering beoordeeld?
De beoordeling vindt plaats op grond van artikel 57, eerste lid, onderdeel b, onder 1, van de Wet WIA. Het recht op een WGA-uitkering herleeft alleen als de gedeeltelijke arbeidsgeschiktheid intreedt binnen vijf jaar na beëindiging van het eerdere recht én voortkomt uit dezelfde oorzaak.
Verwante uitspraken
- Uwv weigert WIA-uitkering terecht omdat appellante minder dan 35% arbeidsongeschikt is en de FML van 8 juni 2023 de belastbaarheid juist weergeeft6 augustus 2025
- Uwv hoeft WAO-uitkering niet te verhogen omdat toegenomen arbeidsongeschiktheid binnen vijf jaar na herziening niet medisch is onderbouwd17 juni 2026
- Uwv weigert WIA-uitkering terecht omdat toegenomen beperkingen voortkomen uit deconditionering en niet uit verslechtering van het onderliggende ziektebeeld14 juli 2026


