Centrale Raad van Beroep
Geen WIA-uitkering ondanks PTSS en emotieregulatieproblematiek: FML van 11 mei 2022 is juist en volledig
Weigering WIA-uitkering. De Raad volgt, na raadpleging van een deskundige, niet het standpunt van appellant dat hij meer (medische) beperkingen heeft dan het…
- ECLI-nummer
- ECLI:NL:CRVB:2026:487Lees de uitspraak
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Uitspraakdatum
- 22 april 2026
In het kort
- Appellant meldde zich op 15 maart 2020 ziek met psychische klachten; het Uwv weigerde per 13 maart 2022 een WIA-uitkering omdat hij minder dan 35% arbeidsongesc
- De deskundige drs. Vervoort concludeerde in haar rapport van 18 april 2025 dat appellant per 13 maart 2022 belastbaar is zoals vastgelegd in de FML van 11 mei 2
- De deskundige zag geen medische grond voor het toekennen van een urenbeperking.
- Woede-uitbarstingen en vernielingen zijn volgens de deskundige gedragingen en geen medisch objectiveerbare aandoening; de reclasseringsmedewerkster stelt gedrag
- De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 24 november 2023 en laat de weigering van de WIA-uitkering in stand.
Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?
Het geschil gaat over de vraag of het Uwv terecht aan appellant per 13 maart 2022 geen WIA-uitkering heeft toegekend. Appellant, die het laatste werk had verricht als isolatiemedewerker voor gemiddeld 24,67 uur per week, had zich op 15 maart 2020 ziekgemeld met psychische klachten. Het Uwv stelde zijn arbeidsongeschiktheid op minder dan 35 procent. Appellant betwistte dit en stelde dat zijn beperkingen, waaronder PTSS, een emotieregulatieprobleem en traumatische detentieverleden, onvoldoende waren verdisconteerd in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML).
De Centrale Raad van Beroep heeft een onafhankelijke verzekeringsarts, drs. M. Vervoort, als deskundige benoemd. De deskundige heeft het dossier bestudeerd, inclusief verklaringen van de reclasseringsmedewerkster, de klinisch psycholoog Paul en het Hoofd Zorg- en Veiligheidshuis. Zij concludeerde dat de medische diagnose PTSS en de emotie-regulatieproblematiek per 13 maart 2022 geen aanleiding geven om meer beperkingen aan te nemen dan vastgelegd in de FML van 11 mei 2022. De deskundige zag evenmin een medische grond voor een urenbeperking.
Op de zienswijze van appellant reageerde de deskundige in een nader rapport van 29 september 2025. Zij stelde dat woede-uitbarstingen en vernielingen gedragingen zijn en geen medisch objectiveerbare aandoening. Uit zowel medische als niet-medische informatie bleek dat appellant zich in normale situaties adequaat kan gedragen. De beperkingen op sociaal en persoonlijk functioneren die al in de FML zijn opgenomen, beschermen appellant juist tegen situaties die hem tot ongewenst gedrag zouden kunnen uitlokken. De kwetsbaarheid is daarmee volledig verdisconteerd in de vastgestelde belastbaarheid.
Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?
De weigering van een WIA-uitkering per 13 maart 2022 blijft in stand: de Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de FML van 11 mei 2022 een juiste en volledige weergave bevat van de medische beperkingen op die datum. De beperkingen op sociaal en persoonlijk functioneren die al in de FML staan, zijn bedoeld om appellant te beschermen tegen situaties die hem tot ongewenst gedrag zouden kunnen uitlokken. Appellant krijgt geen vergoeding voor zijn proceskosten en het betaalde griffierecht.
Vragen over deze uitspraak
Waarom telt het gedrag van appellant, zoals vernielingen thuis, niet mee als medische beperking?
De deskundige stelt dat woede-uitbarstingen en vernielingen gedragingen zijn en geen medisch objectiveerbare aandoening. Uit zowel medische als niet-medische informatie blijkt dat appellant zich in normale situaties wel degelijk adequaat kan gedragen, bijvoorbeeld bij het zelfstandig doen van boodschappen. De Raad volgt dit oordeel.
Waarom weegt de verklaring van de reclasseringsmedewerkster niet zwaar genoeg om meer beperkingen aan te nemen?
De deskundige heeft vastgesteld dat de reclasseringsmedewerker een ondersteunende rol heeft in begeleiding, maar niet beschikt over de medische expertise om diagnoses te stellen of beperkingen objectief vast te leggen. Haar vaststellingen betreffen gedrag, geen medische beperkingen. De Raad volgt dit oordeel.
Heeft de later toegekende WGA-uitkering per 11 juli 2023 invloed op de beoordeling per 13 maart 2022?
Nee. De rechtbank heeft overwogen dat de toekenning van een uitkering op grond van de Wet WIA per 11 juli 2023 niet maakt dat getwijfeld dient te worden aan het medisch onderzoek, omdat het medisch onderzoek van 14 juli 2023 niet ziet op de datum in geding in de onderhavige procedure.
Is er een urenbeperking aangenomen in de FML?
Nee. De deskundige drs. Vervoort heeft geen medische grond gezien voor het toekennen van een urenbeperking, en de Raad volgt die conclusie.
Verwante uitspraken
- Uwv weigert WIA-uitkering terecht omdat toegenomen beperkingen voortkomen uit deconditionering en niet uit verslechtering van het onderliggende ziektebeeld14 juli 2026
- Beëindiging WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid blijft in stand; deskundige bevestigt FML en afwezigheid toegenomen beperkingen11 maart 2026
- WIA-uitkering terecht beëindigd: knieklachten en discriminatieberoep op inkomensverschil slagen niet11 juni 2026


