Centrale Raad van Beroep
Geen WIA-uitkering per 26 oktober 2023 omdat artrose aan duimbasis en overige klachten niet leiden tot toegenomen beperkingen ten opzichte van de wachttijdbeoordeling in 2019
Weigering WIA-uitkering toe te kennen. Geen sprake van toegenomen beperkingen uit dezelfde ziekteoorzaak binnen vijf jaar. Voldoende medische onderbouwing.
- ECLI-nummer
- ECLI:NL:CRVB:2025:1191Lees de uitspraak
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Uitspraakdatum
- 6 augustus 2025
In het kort
- Per 26 oktober 2023 kent het Uwv geen WIA-uitkering toe omdat geen sprake is van toegenomen beperkingen uit dezelfde ziekteoorzaak binnen vijf jaar na 24 juni 2
- Artrose aan de duimbasis levert volgens de Raad niet per definitie toegenomen beperkingen op, omdat een diagnose niet bepalend is voor het vaststellen van arbei
- Lichamelijk onderzoek op 7 februari 2023 en 2 februari 2024 toonde normale polsbeweeglijkheid, knijpkracht en pincetgreep bij appellante.
- Knie- en rugklachten waren al bekend bij de beoordeling per einde wachttijd 24 juni 2019 en uit de medische stukken blijkt niet dat die beperkingen zijn toegeno
- De geschiktheid van de geduide functies uit de WIA-beoordeling per 2 februari 2022 komt in deze procedure niet aan de orde.
Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?
Appellante heeft voor het laatst gewerkt als productiemedewerker voor gemiddeld 14,94 uur per week. Na afloop van de wachttijd werd haar per 24 juni 2019 geen WGA-uitkering toegekend, omdat de mate van arbeidsongeschiktheid minder dan 35% was. Op 26 oktober 2023 meldde zij zich opnieuw bij het Uwv met toegenomen klachten aan handen, knieën en rug. Het Uwv weigerde ook deze keer een WIA-uitkering, omdat geen sprake zou zijn van toegenomen beperkingen uit dezelfde ziekteoorzaak binnen vijf jaar na 24 juni 2019 in de zin van artikel 55, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet WIA. De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde het beroep ongegrond. De Centrale Raad van Beroep bevestigt die uitspraak.
Het geschil spitst zich toe op de handklachten, in het bijzonder de artrose aan de duimbasis. Appellante stelde dat deze artrose voortkomt uit dezelfde ziekteoorzaak als waarvoor in 2019 beperkingen zijn aangenomen (Carpaal Tunnel Syndroom), en dat de beperkingen daardoor zijn toegenomen. De arts bezwaar en beroep heeft in haar rapport van 17 maart 2025 toegelicht dat ten aanzien van de handen, knie, rug en psyche per 26 oktober 2023 geen sprake is van toegenomen beperkingen ten opzichte van de situatie bij het einde van de wachttijd per 24 juni 2019.
De Raad volgt de redenering van appellante niet. Dat naast het CTS ook slijtage aan de duimbasis is vastgesteld, betekent volgens de Raad niet per definitie dat sprake is van toegenomen beperkingen, omdat een diagnose volgens vaste rechtspraak niet bepalend is voor het vaststellen van arbeidsbeperkingen. De arts bezwaar en beroep heeft inzichtelijk toegelicht dat het lichamelijk onderzoek bij de verzekeringsarts in 2023 en bij de arts bezwaar en beroep in 2024 normale bevindingen opleverde voor polsbeweeglijkheid, knijpkracht en pincetgreep, en dat de door appellante ingediende medische stukken evenmin wijzen op toegenomen beperkingen.
Voor de knie- en rugklachten geldt dat deze al bekend waren bij de beoordeling per einde wachttijd in 2019 en dat de ingediende medische stukken niet aantonen dat de beperkingen zijn toegenomen. De gronden over de geschiktheid van geduide functies uit de beoordeling per 2 februari 2022 bespreekt de Raad niet, omdat die beoordeling in deze procedure niet voorligt en aan de weigering per 26 oktober 2023 geen arbeidskundige beoordeling ten grondslag ligt.
Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?
De weigering van de WIA-uitkering per 26 oktober 2023 blijft in stand. Het vaststellen van een nieuwe aandoening zoals artrose aan de duimbasis is op zichzelf onvoldoende om meer beperkingen aan te nemen; bepalend is of het lichamelijk onderzoek en de medische stukken daadwerkelijk toegenomen functionele beperkingen aantonen. Bezwaren over de geschiktheid van eerder geduide functies horen thuis in een procedure over die eerdere beoordeling, niet in een procedure over een nieuwe melding.
Vragen over deze uitspraak
Waarom leidt artrose aan de duimbasis hier niet tot extra beperkingen?
Een nieuwe diagnose levert niet automatisch meer beperkingen op, omdat een diagnose niet bepalend is voor het vaststellen van arbeidsbeperkingen. De arts bezwaar en beroep heeft toegelicht dat het lichamelijk onderzoek normale bevindingen opleverde voor polsbeweeglijkheid, knijpkracht en pincetgreep, en dat de ingediende medische stukken geen toegenomen beperkingen aantonen.
Moet het Uwv functies duiden als het geen toegenomen beperkingen vaststelt?
Nee. Aan de weigering van de WIA-uitkering per 26 oktober 2023 ligt geen arbeidskundige beoordeling ten grondslag, omdat geen sprake is van toegenomen beperkingen. De Raad overweegt dat dit ook niet nodig was.
Kan ik in een nieuwe melding gronden aanvoeren over functies die eerder zijn geduid?
Nee, in elk geval niet in de procedure over de nieuwe melding. De Raad laat de gronden over de geschiktheid van functies uit de beoordeling per 2 februari 2022 onbesproken, omdat die beoordeling in deze procedure niet voorligt.
Binnen welke termijn moeten toegenomen beperkingen optreden om recht op WIA te geven via artikel 55 Wet WIA?
De toegenomen beperkingen moeten intreden binnen vijf jaar na de dag bedoeld in artikel 54, tweede lid, van de Wet WIA. In dit geval is dat vijf jaar na 24 juni 2019, de datum waarop appellante eerder werd beoordeeld.
Verwante uitspraken
- Uwv weigert WIA-uitkering terecht omdat toegenomen beperkingen voortkomen uit deconditionering en niet uit verslechtering van het onderliggende ziektebeeld14 juli 2026
- Uwv weigert WIA-uitkering terecht omdat appellante minder dan 35% arbeidsongeschikt is en de FML van 8 juni 2023 de belastbaarheid juist weergeeft6 augustus 2025
- Uwv weigert WIA-uitkering terecht omdat arbeidsongeschiktheid van 28,86 procent onder de drempel van 35 procent blijft8 juli 2026


