Centrale Raad van Beroep
Uwv weigert WIA-uitkering terecht omdat arbeidsongeschiktheid van 28,86 procent onder de drempel van 35 procent blijft
Weigering WIA-uitkering toe te kennen omdat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt is. Voldoende medische en arbeidskundige onderbouwing.
- ECLI-nummer
- ECLI:NL:CRVB:2026:945Lees de uitspraak
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Uitspraakdatum
- 8 juli 2026
In het kort
- Appellant werd per 24 januari 2022 minder dan 35 procent arbeidsongeschikt geacht; de uiteindelijk vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid bedroeg 28,86 pro
- De verzekeringsarts bezwaar en beroep paste de FML op één punt aan en de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep verving vier ongeschikte functies door twee nieuwe
- De Raad oordeelt dat aantekeningen van de medisch secretaresse niet als op de zaak betrekking hebbend stuk hoeven te worden overgelegd, omdat zij dienden als hu
- De echo van 25 november 2021 en de depressie vermeld in het huisartsenjournaal zijn door de verzekeringsarts bezwaar en beroep kenbaar betrokken bij de beoordel
- Het hoger beroep slaagt niet en de aangevallen uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 1 juli 2025 wordt bevestigd.
Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?
Appellant, voormalig procesoperator voor 31 uur per week, meldde zich op 27 januari 2020 ziek met een afgescheurde achillespees. Na het doorlopen van de WIA-wachttijd beoordeelde het Uwv hem per 24 januari 2022 op minder dan 35 procent arbeidsongeschikt en weigerde een uitkering. Na bezwaar stelde de verzekeringsarts bezwaar en beroep de FML bij op één punt en selecteerde de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep twee nieuwe functies ter vervanging van vier ongeschikte. De vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid bedroeg uiteindelijk 28,86 procent.
In hoger beroep voerde appellant drie gronden aan: de aantekeningen van de medisch secretaresse hadden als op de zaak betrekking hebbend stuk overgelegd moeten worden, de beperkingen aan de achillespees zijn onderschat, en de depressie die het huisartsenjournaal bij 24 februari 2022 vermeldt is buiten beschouwing gebleven.
De Raad verwerpt alle drie de gronden. Over de aantekeningen oordeelt de Raad dat zij dienden als hulpmiddel voor het opstellen van het medisch rapport en daardoor niet zelfstandig als op de zaak betrekking hebbend stuk kunnen worden aangemerkt. Het medisch rapport zelf, waarin de aantekeningen zijn verwerkt, is wel verstrekt.
Over de achillespees stelt de Raad vast dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep de echo van 25 november 2021 wel degelijk heeft betrokken bij de beoordeling. Latere bevindingen van de huisarts, in juli 2022 en juni 2023, lieten weinig afwijkingen zien: appellant kon op tenen en hakken lopen, de proef van Thompson was negatief en er was geen zwelling of verdikking. De verzekeringsarts concludeerde daarop dat er geen medische reden is voor inactiviteit en geen indicatie voor gebruik van hulpmiddelen.
Over de psychische klachten overweegt de Raad dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep de vermelding van depressie in het huisartsenjournaal kenbaar heeft betrokken bij de beoordeling. Er werden geen aanwijzingen gevonden voor ernstige psychopathologie of intensieve psychiatrische behandeling; het contact betrof alleen laagdrempelige begeleiding bij de POH-GGZ. De verzekeringsarts kwalificeerde de problematiek als een aanpassingsstoornis zonder ernstige psychische beperkingen.
Omdat twijfel aan de medische beoordeling ontbreekt, ziet de Raad geen aanleiding een onafhankelijk deskundige te benoemen. Het hoger beroep slaagt niet en de weigering van de WIA-uitkering blijft in stand.
Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?
De weigering van de WIA-uitkering per 24 januari 2022 blijft in stand, omdat de vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid van 28,86 procent onder de wettelijke drempel van 35 procent ligt. Het overleggen van informatie van de behandelend huisarts of radioloog kan de beoordeling beïnvloeden, maar de Raad volgt in dit geval de verzekeringsarts bezwaar en beroep, die die informatie kenbaar heeft meegewogen en toch geen verdergaande beperkingen heeft aangenomen. Indien een werknemer het niet eens is met de inhoud van het medisch rapport, biedt de bezwaarprocedure de gelegenheid dit kenbaar te maken.
Vragen over deze uitspraak
Waarom hoefde het Uwv de aantekeningen van de medisch secretaresse niet te overleggen?
De aantekeningen dienden als hulpmiddel voor het opstellen van het medisch rapport en kunnen daarom niet zelfstandig worden aangemerkt als op de zaak betrekking hebbend stuk. Het medisch rapport, waarin de aantekeningen zijn verwerkt, is wel aan appellant verstrekt. Een eventuele toezegging door het Uwv om de aantekeningen te verstrekken maakt dit oordeel niet anders.
Waarom leidde de depressie in het huisartsenjournaal niet tot meer beperkingen?
De verzekeringsarts bezwaar en beroep constateerde geen aanwijzingen voor ernstige psychopathologie en geen intensieve psychiatrische behandeling met medicatie, alleen laagdrempelig contact bij de POH-GGZ. De problematiek werd gekwalificeerd als een aanpassingsstoornis waarbij geen ernstige psychische beperkingen aan de orde zijn.
Waarom werd geen onafhankelijk deskundige benoemd om de medische beoordeling te toetsen?
De Raad ziet geen aanleiding voor het benoemen van een onafhankelijk deskundige omdat twijfel aan de medische beoordeling ontbreekt. Zowel de bevindingen over de achillespees als over de psychische klachten zijn door de verzekeringsarts bezwaar en beroep inzichtelijk onderbouwd.
Wat betekent het dat het bestreden besluit pas in beroep van een toereikende medische onderbouwing werd voorzien?
De rechtbank heeft dit gebrek gepasseerd met toepassing van artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht, omdat appellant hierdoor niet is benadeeld. Als gevolg hiervan veroordeelde de rechtbank het Uwv tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van appellant in beroep.
Verwante uitspraken
- Uwv weigert WIA-uitkering terecht omdat appellante minder dan 35% arbeidsongeschikt is en de FML van 8 juni 2023 de belastbaarheid juist weergeeft6 augustus 2025
- Arbeidsongeschiktheidspercentage van 41,72% per 8 september 2022 blijft in stand ondanks latere volledige arbeidsongeschiktheid15 juli 2026
- Uwv stelt arbeidsongeschiktheid terecht vast op 57,99% en beëindigt WIA-uitkering terecht per 28 augustus 20233 september 2025


