Naar inhoud
Jurisprudentie

Centrale Raad van Beroep

Arbeidsongeschiktheidspercentage van 49,77% na CVA terecht vastgesteld ondanks aangevoerde verdergaande urenbeperking

Vaststelling mate van arbeidsongeschiktheid op 49,77%. Juiste FML. Benoeming deskundige. Het rapport van de deskundige geeft blijk van een zorgvuldig onderzoek.

ECLI-nummer
ECLI:NL:CRVB:2026:944Lees de uitspraak
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
8 juli 2026

In het kort

  • Appellant is na een CVA op 8 juli 2019 per 5 juli 2021 voor 49,77% arbeidsongeschikt verklaard en ontvangt een loongerelateerde WGA-uitkering.
  • De FML van 1 maart 2022 bevat een urenbeperking van zes uur per dag en dertig uur per week en een beperking voor beroepsmatig een voertuig besturen.
  • Onafhankelijk deskundige drs. M. Vervoort concludeerde dat er geen medische grond is voor verdergaande beperkingen of een zwaardere urenbeperking.
  • De uitputting bij het huidige werk als bezorger/chauffeur is verklaarbaar doordat dat werk de belastbaarheid uit de FML overschrijdt, niet doordat de FML te rui
  • De Centrale Raad van Beroep bevestigt op 8 juli 2026 de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 14 december 2023.

Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?

Appellant, voormalig vrachtwagenchauffeur, meldde zich op 8 juli 2019 ziek met neurologische klachten na een CVA. Het Uwv stelde de mate van arbeidsongeschiktheid per 5 juli 2021 vast op 49,77% en kende een loongerelateerde WGA-uitkering toe. Appellant bestreed dit en stelde dat hij meer beperkingen heeft dan in de FML zijn aangenomen, met name een verdergaande urenbeperking en meer beperkingen in de rubrieken persoonlijk en sociaal functioneren.

De FML van 1 maart 2022, opgesteld door de verzekeringsarts bezwaar en beroep, bevat onder meer een urenbeperking van zes uur per dag en dertig uur per week, een sterke beperking op conflicthantering, aanvullende beperkingen in het hanteren van emotionele problemen van anderen en in het uiten van eigen gevoelens, en een beperking voor beroepsmatig een voertuig besturen. Appellant wees er ter ondersteuning van zijn standpunt op dat hij het werk als bezorger/chauffeur dat hij sinds 1 augustus 2023 uitvoerde, niet meer dan vijftien uur per week kon volhouden.

De Raad benoemde na de zitting van 23 oktober 2024 drs. M. Vervoort, verzekeringsarts, als onafhankelijk deskundige. Deze concludeerde dat de lichamelijke beperkingen adequaat zijn weergegeven in de FML, dat er geen medische grond bestaat voor verdergaande fysieke beperkingen, en dat cognitieve stoornissen door geen van de betrokken specialisten worden bevestigd. De vermoeidheidsklachten zijn aannemelijk maar passen bij een adaptatieproces na een CVA en zijn niet medisch objectiveerbaar als aandoening die een verdere urenbeperking rechtvaardigt. De recuperatiebehoefte is al vertaald in de aangenomen urenbeperking.

Over het huidige werk als bezorger/chauffeur stelde de deskundige dat dit werk de belastbaarheid uit de FML overschrijdt qua taakinhoud, prikkelbelasting en werktempo. De ervaren uitputting bevestigt daarmee niet dat meer beperkingen medisch noodzakelijk zijn, maar dat het huidige werk niet passend is. De Raad volgt de deskundige omdat het rapport blijk geeft van zorgvuldig onderzoek, de conclusies inzichtelijk en consistent zijn, en de bevindingen onderbouwing vinden in de medische stukken. Het hoger beroep slaagt niet en de aangevallen uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 14 december 2023 wordt bevestigd.

Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?

De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de mate van arbeidsongeschiktheid van 49,77% per 5 juli 2021 in stand blijft, wat betekent dat de loongerelateerde WGA-uitkering op dat percentage gebaseerd blijft. De ervaren vermoeidheid en uitputting bij het huidige werk als bezorger/chauffeur leiden niet tot een hogere arbeidsongeschiktheid, omdat de deskundige heeft vastgesteld dat dit werk de belastbaarheid uit de FML overschrijdt en daarmee niet passend is. Appellant krijgt geen vergoeding voor zijn proceskosten en het betaalde griffierecht.

Vragen over deze uitspraak

Waarom rechtvaardigt de vermoeidheid na het werk als bezorger niet een zwaardere urenbeperking?

De vermoeidheid is volledig verklaarbaar doordat het huidige werk de belastbaarheid uit de FML overschrijdt, niet doordat de FML te weinig beperkingen bevat. Het werk vergt structureel beroepsmatig rijden en vijf tot zes uur per dag intensieve arbeid, terwijl de FML daar een beperking voor aangeeft. Een medisch objectiveerbare aandoening die een verdere urenbeperking rechtvaardigt, is niet vastgesteld.

Welke urenbeperking is aangenomen in de FML?

De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft een urenbeperking aangenomen van zes uur per dag en dertig uur per week. Appellant is daarnaast aangewezen op regelmatige werktijden.

Hoe heeft de Raad de conclusies van de onafhankelijk deskundige beoordeeld?

De Raad volgt de deskundige omdat het rapport blijk geeft van zorgvuldig onderzoek, de beschikbare gegevens van behandelaars kenbaar zijn betrokken, en de conclusies inzichtelijk en consistent zijn en onderbouwing vinden in de medische stukken. Appellant heeft zijn spreekuur bezocht en er is een uitgebreide anamnese afgenomen.

Zijn er verdergaande beperkingen aangenomen in het persoonlijk en sociaal functioneren?

Nee. De deskundige concludeerde dat de veranderingen in emotie- en stresshantering terecht zijn meegenomen door de verzekeringsarts bezwaar en beroep, maar niet leiden tot meer beperkingen dan al zijn aangenomen. De ervaren overprikkeling en verminderde inspanningstolerantie zijn al afzonderlijk beoordeeld en vertaald in beperkingen in het persoonlijk en sociaal functioneren binnen de FML.

Verwante uitspraken

Alle jurisprudentieArbeidsdeskundigloket