Centrale Raad van Beroep
Wajong-uitkering geweigerd omdat bij laattijdige aanvraag niet kon worden vastgesteld dat appellant in de relevante periode duurzaam geen arbeidsvermogen had
Weigering Wajong-uitkering toe te kennen. laattijdige aanvraag. Terecht geoordeeld dat niet objectief kan worden vastgesteld dat bij appellant sprake was van…
- ECLI-nummer
- ECLI:NL:CRVB:2026:321Lees de uitspraak
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Uitspraakdatum
- 18 maart 2026
In het kort
- Appellant (geboren 1992) diende op 20 december 2022 een Wajong-aanvraag in; de relevante beoordelingsperiode liep van zijn achttiende verjaardag in 2010 tot vij
- Bij een laattijdige aanvraag ligt de bewijslast en het bewijsrisico bij de aanvrager; het nadeel van ontbrekende medische informatie komt voor zijn rekening en
- De verzekeringsarts bezwaar en beroep concludeerde in het rapport van 14 oktober 2024 dat de diagnose schizofrenie pas vanaf 2018 aan de orde was, ver na de in
- De eerder in 2019 afgegeven indicatie banenafspraak geldt als contra-indicatie voor het duurzaam ontbreken van arbeidsvermogen in de relevante periode.
- De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 7 maart 2025 en laat de weigering van de Wajong-uitkering in stand.
Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?
Appellant, geboren in 1992, vroeg in december 2022 een Wajong-uitkering aan. Het Uwv weigerde die uitkering, omdat niet objectief kon worden vastgesteld dat appellant in de voor hem geldende Wajong-relevante periode van zijn achttiende verjaardag in 2010 tot vijf jaar daarna in 2015 duurzaam geen arbeidsvermogen had. Het Uwv baseerde zich op rapporten van een verzekeringsarts en een arbeidsdeskundige. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond. De Centrale Raad van Beroep bevestigt die uitspraak.
De Raad stelt vast dat sprake is van een laattijdige aanvraag. Bij zo'n aanvraag ligt de bewijslast en het bewijsrisico bij de aanvrager, omdat een medisch beeld met het verstrijken van de jaren steeds moeilijker is vast te stellen. Het nadeel dat door tijdsverloop geen relevante medische informatie meer beschikbaar is over de periode in geding, komt voor rekening en risico van appellant.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft in het rapport van 14 oktober 2024 gemotiveerd dat pas in 2018 melding is gemaakt van een psychose, zodat de zeer waarschijnlijke diagnose schizofrenie van ver na de in geding zijnde periode stamt. Appellant stelde dat hij al vanaf zijn vroege jeugd beperkingen in het persoonlijk en sociaal functioneren had, maar de Raad oordeelt dat niet duidelijk kan worden vastgesteld wat er in de relevante periode aan de hand was, welke medische problematiek speelde en welke beperkingen appellant ondervond.
De eerder in 2019 afgegeven indicatie banenafspraak wijst er bovendien op dat appellant over arbeidsvermogen beschikt. De brief van de behandelend psychiater van 13 februari 2023 ziet niet op de periode die in geding is en kan om die reden niet tot een ander oordeel leiden. Appellant krijgt geen vergoeding voor proceskosten of griffierecht.
Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?
De Wajong-uitkering wordt geweigerd omdat niet kan worden vastgesteld dat appellant in de periode van 2010 tot 2015 duurzaam geen arbeidsvermogen had. Bij een laattijdige aanvraag ligt het bewijsrisico bij de aanvrager: wie pas jaren later een aanvraag indient, draagt het nadeel van ontbrekende medische informatie over de relevante periode zelf. De in 2019 afgegeven indicatie banenafspraak en het ontbreken van medische gegevens over de periode 2010 tot 2015 staan aan toekenning in de weg.
Vragen over deze uitspraak
Waarom wordt de Wajong-aanvraag afgewezen als er wel een psychische stoornis en zwakbegaafdheid zijn vastgesteld?
Niet de diagnose op het moment van de aanvraag telt, maar of duurzaam geen arbeidsvermogen aanwezig was in de periode van de achttiende verjaardag tot vijf jaar daarna. Die medische situatie kon door gebrek aan informatie over de periode 2010 tot 2015 niet worden vastgesteld.
Wat betekent een laattijdige aanvraag voor de bewijslast bij een Wajong-aanvraag?
De bewijslast en het bewijsrisico liggen bij de aanvrager. Het nadeel dat door tijdsverloop geen relevante medische informatie meer beschikbaar is over de periode in geding, komt voor rekening en risico van de aanvrager.
Wat is de rol van de indicatie banenafspraak uit 2019 bij de beoordeling van het arbeidsvermogen?
De in 2019 afgegeven indicatie banenafspraak volgt dat appellant over arbeidsvermogen beschikt en geldt als contra-indicatie voor de stelling dat hij duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie had.
Telt een brief van de behandelend psychiater mee als bewijs voor de Wajong-beoordeling?
Alleen als de brief betrekking heeft op de in geding zijnde periode. De brief van de behandelend psychiater van 13 februari 2023 ziet niet op de periode 2010 tot 2015 en kan om die reden niet tot een ander oordeel leiden.
Verwante uitspraken
- Wajong-uitkering terecht geweigerd omdat appellant in de periode van zijn achttiende tot zijn 23e jaar over arbeidsvermogen beschikte14 januari 2026
- Wajong-uitkering geweigerd omdat ontbreken van arbeidsvermogen op 15 augustus 2022 niet duurzaam was18 juni 2026
- Wajong-uitkering terecht verlaagd van 75% naar 70% omdat appellant op 1 januari 2018 arbeidsvermogen had10 december 2025


