Naar inhoud
Jurisprudentie

Centrale Raad van Beroep

Wajong-uitkering geweigerd omdat ontbreken van arbeidsvermogen op 16 februari 2023 niet duurzaam was

Weigering Wajong-uitkering toe te kennen. De rechtbank heeft terecht het Uwv gevolgd in zijn standpunt dat het ontbreken van arbeidsvermogen van appellant op…

ECLI-nummer
ECLI:NL:CRVB:2026:326Lees de uitspraak
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
12 maart 2026

In het kort

  • Appellant vroeg op 16 februari 2023 een Wajong-uitkering aan vanwege een lichte verstandelijke beperking en psychoses; het Uwv weigerde omdat het ontbreken van
  • Bij besluit van 23 april 2025 is appellant per 31 maart 2025 alsnog een Wajong-uitkering toegekend, omdat de situatie op die datum aanmerkelijk anders was dan o
  • Een geringe kans op herstel op lange termijn is onder de Wajong voldoende om duurzaamheid vooralsnog niet aan te nemen; dat verschilt van de beoordeling onder d
  • De Raad oordeelt dat de achteraf gebleken uitblijving van verbetering geen rol mag spelen bij de beoordeling van de situatie op de datum in geding.
  • Als het arbeidsvermogen tijdelijk ontbreekt, wordt duurzaamheid onder de Wajong na een periode van tien jaar alsnog verondersteld aanwezig te zijn.

Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?

Appellant, geboren in 2003, vroeg op 16 februari 2023 een Wajong-uitkering aan vanwege een lichte verstandelijke beperking en psychoses. Het Uwv weigerde de uitkering omdat het ontbreken van arbeidsvermogen op die datum niet duurzaam werd geacht. Appellant maakte bezwaar en beriep zich in hoger beroep op informatie van psychiater Cortlever van 31 maart 2025, op grond waarvan appellant per 31 maart 2025 alsnog een Wajong-uitkering was toegekend. Hij betoogde dat als die informatie wordt geëxtrapoleerd naar 16 februari 2023, het ontbreken van arbeidsvermogen ook toen al duurzaam was.

De Raad stelt voorop dat duurzaamheid onder de Wajong wordt aangenomen in een situatie waarin de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie zich niet meer kunnen ontwikkelen. Het Uwv hoeft niet te onderbouwen dat een betrokkene in de toekomst arbeidsvermogen zal hebben, maar moet aannemelijk maken dat de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie zich dusdanig kunnen ontwikkelen dat op termijn arbeidsvermogen niet is uitgesloten. De Raad benadrukt daarbij dat zelfs een geringe kans op herstel op lange termijn voor de toepassing van de Wajong volstaat om duurzaamheid (vooralsnog) niet aan te nemen.

De Raad oordeelt dat de beoordeling van duurzaamheid moet worden gemaakt aan de hand van gegevens die bekend zijn op of nadien over de datum in geding, en dat de omstandigheid dat verbetering achteraf bezien niet heeft plaatsgevonden geen rol mag spelen. Op 16 februari 2023 was er informatie van psychiater Wiersma waaruit bleek dat behandelmogelijkheden voor stabilisatie en herstel nog aanwezig waren. Ook psychiater Kilic en de maatschappelijk werkster/ambulant psychiatrisch begeleider sloten verbetering in belastbaarheid met behandeling niet uit. De informatie van Cortlever van 31 maart 2025 toont juist aan dat de situatie per die datum aanmerkelijk anders was dan op de datum in geding: de klachten waren geleidelijk toegenomen, appellant was inmiddels chronisch psychotisch en de diagnose was gewijzigd in schizofrenie.

Het hoger beroep slaagt niet. De weigering van de Wajong-uitkering per 16 februari 2023 blijft in stand.

Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?

De Wajong-uitkering die op 16 februari 2023 werd geweigerd, blijft geweigerd, ook nu vaststaat dat appellant per 31 maart 2025 alsnog recht had op een uitkering. De reden is dat de verslechtering van de situatie pas na de datum in geding geleidelijk is opgetreden en op 16 februari 2023 nog niet kon worden voorzien. Behandelmogelijkheden die op de datum in geding aanwezig waren, ook al was de kans op herstel klein, zijn voor de Wajong-beoordeling voldoende om duurzaamheid niet aan te nemen.

Vragen over deze uitspraak

Waarom kreeg appellant op 16 februari 2023 geen Wajong, maar later wel?

Op 16 februari 2023 waren er nog behandelmogelijkheden die verbetering van functioneren niet uitsloten, zodat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam was. Per 31 maart 2025 was de situatie aanmerkelijk anders: appellant was chronisch psychotisch, de diagnose was gewijzigd in schizofrenie en er bestonden geen behandelmogelijkheden meer. Die verslechtering was op de eerdere datum nog niet te voorzien.

Mag je informatie van later gebruiken om aan te tonen dat iemand al eerder duurzaam geen arbeidsvermogen had?

Informatie van na de datum in geding mag worden gebruikt als zij iets zegt over de situatie op die eerdere datum. De omstandigheid dat verbetering achteraf bezien niet heeft plaatsgevonden, mag echter geen rol spelen bij de beoordeling op de datum in geding.

Hoe klein mag de kans op herstel zijn voordat de Wajong duurzaamheid aanneemt?

Zelfs een geringe kans op herstel op lange termijn is voldoende om duurzaamheid voor de Wajong vooralsnog niet aan te nemen. Dat is anders dan bij de Wet WIA, waar die grens anders ligt. Duurzaamheid wordt onder de Wajong pas aangenomen als een betrokkene geen enkel perspectief meer heeft op ontwikkeling en herstel is uitgesloten.

Wat gebeurt er als iemand langdurig geen arbeidsvermogen heeft maar het niet als duurzaam wordt aangemerkt?

Als het arbeidsvermogen tijdelijk ontbreekt, wordt duurzaamheid voor de toepassing van de Wajong na een periode van tien jaar alsnog verondersteld aanwezig te zijn. De Raad noemt dit als apart geval in zijn overwegingen.

Verwante uitspraken

Alle jurisprudentieArbeidsdeskundigloket