Naar inhoud
Jurisprudentie

Centrale Raad van Beroep

Wajong-uitkering geweigerd omdat behandelmogelijkheden duurzaamheid van arbeidsongeschiktheid uitsluiten

Afwijzing verzoek om terug te komen van het besluit van 30 augustus 2021 tot weigering een Wajong-uitkering toe te kennen. Geen nieuwe feiten of omstandigheden.

ECLI-nummer
ECLI:NL:CRVB:2026:835Lees de uitspraak
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
18 juni 2026

In het kort

  • Het Uwv weigerde de Wajong-uitkering bij besluit van 30 augustus 2021 omdat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam werd geacht.
  • De nieuwe aanvraag van 17 januari 2022 leverde geen nieuwe feiten op: de overgelegde medische informatie bevestigde de eerdere inschatting van de verzekeringsar
  • De Raad oordeelde dat de relevante periode voor de regeling toegenomen arbeidsongeschiktheid loopt van 12 augustus 2021 tot 17 januari 2022.
  • Dat appellante de behandeling staakte door gebrek aan motivatie en ziektewinst, niet vanwege onvermogen, blijkt uit de brief van Vincent van Gogh GGZ van 15 nov
  • De neurologische informatie uit 2024 en 2025 ziet niet op de angstklachten die het arbeidsvermogen belemmerden en valt buiten de relevante periode.

Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?

Appellante, geboren in 1999, vroeg in juli 2021 een Wajong-uitkering aan. Het Uwv weigerde die bij besluit van 30 augustus 2021 omdat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam was. In januari 2022 deed appellante een nieuwe aanvraag, die het Uwv opvatte als een verzoek om terug te komen van het eerdere besluit. Dat verzoek werd afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden. Na ongegrondverklaring van het bezwaar en het beroep bij de rechtbank Limburg stelde appellante hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep.

De Raad beoordeelde twee vragen: zijn er nieuwe feiten of omstandigheden die een heroverweging rechtvaardigen, en slaagt het beroep op de regeling bij toegenomen arbeidsongeschiktheid?

Op de eerste vraag oordeelde de Raad dat de bij de nieuwe aanvraag meegestuurde medische verklaringen al bij de eerste aanvraag waren overgelegd en beoordeeld. De informatie van Vincent van Gogh GGZ en Co-eur bevestigde juist de eerdere inschatting van de verzekeringsarts, omdat beide behandelaars melding maakten van behandelmogelijkheden. Het tijdsverloop van de klachten en het uitblijven van behandelsucces zijn geen relevante nieuwe feiten, omdat het gaat om de inschatting van de kansen op verbetering op de datum in geding, 12 augustus 2021, en achteraf gebleken uitblijven van verbetering daarin geen rol mag spelen.

Op de tweede vraag beoordeelde de Raad de periode van 12 augustus 2021 tot 17 januari 2022. De verzekeringsarts bezwaar en beroep had gemotiveerd dat in die periode behandelmogelijkheden bestonden: door behandeling van de angstklachten kon worden verwacht dat appellante basale werknemersvaardigheden zou kunnen ontwikkelen. De stelling dat appellante vanwege haar problematiek de behandelingen niet kon volgen, verwierp de Raad. Uit de brief van Vincent van Gogh GGZ van 15 november 2021 bleek dat appellante de behandeling zelf staakte door gebrek aan motivatie en ziektewinst, en dat het behandeladvies bleef gelden. De in hoger beroep overgelegde neurologische informatie uit 2024 en 2025 zag niet op de angstklachten die het arbeidsvermogen belemmerden en betrof bovendien niet de relevante periode.

De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak. Appellante kreeg geen vergoeding voor proceskosten of griffierecht.

Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?

De Raad bevestigde dat de weigering van de Wajong-uitkering in stand blijft en dat appellante geen recht heeft op een uitkering. Het zelf staken van een behandeling, ook als dat door de eigen problematiek wordt ervaren als onvermijdelijk, telt voor de beoordeling van duurzaamheid niet als bewijs dat behandeling niet meer mogelijk is, zolang het behandeladvies blijft gelden. Appellante krijgt geen vergoeding voor proceskosten of het betaalde griffierecht.

Vragen over deze uitspraak

Waarom telden de behandelingen die mislukten niet mee als nieuwe omstandigheid?

Het gaat bij de beoordeling om de inschatting van de kansen op verbetering op de datum in geding, 12 augustus 2021. Dat achteraf bezien verbetering niet heeft plaatsgevonden, mag daarin geen rol spelen. De Raad oordeelde expliciet dat deze gronden geen betrekking hebben op de medische situatie op die datum.

Wanneer is het ontbreken van arbeidsvermogen duurzaam in de zin van de Wajong?

Duurzaamheid wordt aangenomen als de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie zich niet meer kunnen ontwikkelen, dat wil zeggen als een betrokkene geen enkel perspectief meer heeft op ontwikkeling en herstel is uitgesloten. Het Uwv hoeft niet aan te tonen dat iemand in de toekomst wél arbeidsvermogen zal hebben, maar moet aannemelijk maken dat ontwikkeling niet is uitgesloten.

Waarom telde de informatie van de neurologen uit 2024 en 2025 niet mee?

De neurologische informatie ziet op lichamelijke problematiek en niet op de angstklachten die aan het arbeidsvermogen in de weg staan. Bovendien heeft die informatie betrekking op de medische situatie in 2024 en 2025, en niet op de periode van 12 augustus 2021 tot 17 januari 2022 die hier van belang is.

Wat is het gevolg van het zelf staken van een behandeling voor de beoordeling van duurzaamheid?

De Raad oordeelde dat het zelf staken van de behandeling door gebrek aan motivatie en ziektewinst niet betekent dat sprake is van duurzaamheid. Zolang het behandeladvies blijft gelden en appellante opnieuw terecht kan bij de instelling als zij haar motivatie weet te herwinnen, zijn er nog behandelmogelijkheden en kunnen de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie zich nog ontwikkelen.

Verwante uitspraken

Alle jurisprudentieArbeidsdeskundigloket