Centrale Raad van Beroep
Wajong-uitkering geweigerd omdat appellant in de relevante periode tussen zijn 18e en 23e jaar beschikte over arbeidsvermogen
Weigering Wajong-uitkering toe te kennen. Terecht geoordeeld dat appellant op de dag dat hij 18 jaar is geworden beschikte over arbeidsvermogen.
- ECLI-nummer
- ECLI:NL:CRVB:2026:568Lees de uitspraak
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Uitspraakdatum
- 13 mei 2026
In het kort
- Appellant heeft ASS en ADHD; niet in geschil is dat hij op zijn 18e jaar (2016) beperkingen ondervond als gevolg van deze aandoeningen.
- De Raad oordeelt dat appellant in de Wajong-relevante periode van zijn 18e tot 23e jaar (2016-2021) beschikte over arbeidsvermogen, mede omdat hij zijn HAVO-opl
- Permanente begeleiding of toezicht, al dan niet in een beschutte werkomgeving, staat naar vaste rechtspraak niet in de weg aan het aannemen van arbeidsvermogen.
- In de Wajong geldt niet de voorwaarde dat een betrokkene ten minste vier uur aaneengesloten belastbaar moet zijn.
- Omdat appellant in de relevante periode over arbeidsvermogen beschikte, blijft de Wajong-uitkering geweigerd en hoeft de duurzaamheidsvraag op de datum van de a
Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?
Appellant, geboren in 1998, heeft in augustus 2023 een Wajong-uitkering aangevraagd. Het Uwv weigerde deze uitkering omdat appellant op de datum van de aanvraag arbeidsvermogen had. Bij bezwaar werd dit standpunt aangescherpt: de verzekeringsarts bezwaar en beroep en arbeidsdeskundige bezwaar en beroep stelden dat appellant op de datum van de aanvraag over arbeidsvermogen beschikte. De rechtbank liet het besluit in stand, maar oordeelde dat de motivering voor de taak 'scannen' tekortschoot. Dit motiveringsgebrek werd gepasseerd omdat appellant er niet door was benadeeld: de duurzaamheid van het verlies van arbeidsvermogen was volgens de rechtbank onvoldoende aangetoond.
In hoger beroep betoogde appellant dat hij vanwege zijn complexe ASS en ADHD nooit arbeidsvermogen heeft gehad en dit ook niet kan ontwikkelen. Hij onderbouwde dit met rapporten van verzekeringsarts Van Arkel. Het Uwv stelde daartegenover dat appellant in de voor de Wajong relevante periode van zijn 18e tot 23e jaar (2016-2021) wel degelijk over arbeidsvermogen beschikte, en dat de taak 'handmatig afwassen' passend is.
De Raad stelt vast dat de rechtbank ten onrechte heeft nagelaten het Uwv op te dragen te onderzoeken of het arbeidsvermogen in de relevante periode verloren is gegaan. In hoger beroep heeft het Uwv dit onderzoek alsnog verricht. De Raad volgt het standpunt van het Uwv dat appellant in de periode van zijn 18e tot 23e jaar beschikte over arbeidsvermogen. Daarvoor zijn twee argumenten doorslaggevend: appellant volgde op zijn 18e jaar een HAVO-opleiding die hij met goed gevolg afrondde, en hij volgde daarna tot en met 2022 twee HBO-opleidingen. Dit toont aan dat hij over basale werknemersvaardigheden beschikte. Verder acht ook Van Arkel appellant in staat een uur aaneengesloten te werken bij eenvoudige opdrachten met begeleiding, en stelt de Raad dat permanente begeleiding of toezicht naar vaste rechtspraak niet aan arbeidsvermogen in de weg staat. De Raad oordeelt dat de eis van vier uur aaneengesloten belastbaarheid niet geldt in de Wajong. Omdat appellant in de relevante periode over arbeidsvermogen beschikte, hoeft de vraag naar de duurzaamheid van het verlies op datum aanvraag niet beantwoord te worden. Het hoger beroep slaagt niet.
Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?
De Wajong-uitkering van appellant blijft geweigerd omdat de Raad oordeelt dat hij in de periode van zijn 18e tot 23e jaar over arbeidsvermogen beschikte. Dat appellant zijn HBO-opleidingen niet heeft kunnen afronden, doet daar niet aan af: het feit dat hij die opleidingen volgde toont aan dat hij opdrachten kon begrijpen, onthouden en uitvoeren en afspraken kon nakomen. De noodzaak van begeleiding bij het werk staat aan die conclusie niet in de weg.
Vragen over deze uitspraak
Wanneer heeft iemand met ASS en ADHD recht op een Wajong-uitkering?
Alleen als het arbeidsvermogen duurzaam ontbreekt in de periode van het 18e tot het 23e jaar. De Raad oordeelt dat appellant in die periode (2016-2021) over arbeidsvermogen beschikte omdat hij zijn HAVO-opleiding afrondde en twee HBO-opleidingen volgde, wat aantoont dat hij over basale werknemersvaardigheden beschikte.
Telt begeleiding op de werkvloer mee als bewijs dat iemand geen arbeidsvermogen heeft?
Nee. De Raad bevestigt dat de noodzaak van permanent toezicht of intensieve begeleiding, al dan niet in een beschutte werkomgeving, niet aan arbeidsvermogen in de weg staat.
Moet iemand vier uur aaneengesloten kunnen werken om arbeidsvermogen te hebben in de Wajong?
Nee. De Raad stelt uitdrukkelijk dat in de Wajong voor het aannemen van arbeidsvermogen niet de voorwaarde geldt dat een betrokkene ten minste vier uur aaneengesloten belastbaar moet zijn.
Wat is een laattijdige Wajong-aanvraag en wat betekent dat voor het onderzoek?
Van een laattijdige aanvraag is sprake als de aanvraag wordt ingediend nadat de relevante periode van het 18e tot het 23e jaar al is verstreken. Als de betrokkene op de aanvraagdatum geen arbeidsvermogen heeft, moet onderzocht worden of het arbeidsvermogen in die eerdere relevante periode verloren is gegaan.
Verwante uitspraken
- Wajong-uitkering geweigerd omdat ontbreken van arbeidsvermogen op 16 februari 2023 niet duurzaam was12 maart 2026
- Wajong-uitkering geweigerd omdat ontbreken van arbeidsvermogen op 15 augustus 2022 niet duurzaam was18 juni 2026
- Wajong-uitkering terecht geweigerd omdat appellant in de periode van zijn achttiende tot zijn 23e jaar over arbeidsvermogen beschikte14 januari 2026


