Centrale Raad van Beroep
Uwv erkent volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid alsnog, waarna hoger beroep niet-ontvankelijk is bij gebrek aan procesbelang
Hoger beroep niet-ontvankelijk. Geen proces belang meer. Met de nieuwe beslissing op bezwaar van 23 oktober 2025, waarbij appellante met ingang van 17 maart…
- ECLI-nummer
- ECLI:NL:CRVB:2025:1831Lees de uitspraak
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Uitspraakdatum
- 11 december 2025
In het kort
- Het Uwv erkende appellante alsnog volledig en duurzaam arbeidsongeschikt met ingang van 17 maart 2022 bij beslissing op bezwaar van 23 oktober 2025.
- Het hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het procesbelang ontbrak nadat het Uwv volledig aan de bezwaren tegemoet was gekomen.
- De kosten voor rechtsbijstand werden begroot op € 3.628,- op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht; het verzoek om werkelijke kosten (€ 4.650,15) wer
- De kosten voor verzekeringsarts H.P. Balk (rapport van 20 november 2023) werden volledig vergoed tot € 2.286,90.
- De totale proceskostenvergoeding inclusief reiskosten bedroeg € 5.934,90, plus griffierecht van € 188,-.
Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 15 juli 2024. De Centrale Raad van Beroep had eerder, op 24 september 2025, een tussenuitspraak gedaan. Ter uitvoering daarvan nam het Uwv op 23 oktober 2025 een nieuwe beslissing op bezwaar, waarbij appellante met ingang van 17 maart 2022 volledig en duurzaam arbeidsongeschikt werd geacht.
Omdat het Uwv daarmee volledig aan de bezwaren van appellante tegemoet was gekomen, bestond er feitelijk geen geschil meer tussen partijen. Appellante had het hoger beroep niet ingetrokken, maar dat leidde er toe dat de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaarde wegens het ontbreken van procesbelang.
De uitspraak gaat verder vrijwel geheel over de proceskostenveroordeling. De Raad wees het verzoek om vergoeding van de werkelijke advocaatkosten (€ 4.650,15) af en begrootte de kosten voor rechtsbijstand op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht: € 1.814,- in beroep en € 1.814,- in hoger beroep, in totaal € 3.628,-. De kosten voor het rapport van verzekeringsarts H.P. Balk van 20 november 2023, dat in beroep was ingebracht, werden volledig vergoed tot een bedrag van € 2.286,90. Reiskosten voor de zitting in hoger beroep werden vergoed tot € 20,- op basis van openbaar vervoer tweede klasse. De totale kostenvergoeding bedroeg € 5.934,90. Daarnaast diende het Uwv het betaalde griffierecht van € 188,- te vergoeden.
Over de inhoudelijke beoordeling van de belastbaarheid, de FML of de arbeidskundige onderbouwing doet de Raad in deze einduitspraak geen uitspraken; dat geschiedde in de tussenuitspraak van 24 september 2025.
Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?
Het Uwv heeft appellante alsnog volledig en duurzaam arbeidsongeschikt geacht met ingang van 17 maart 2022, nadat de Centrale Raad van Beroep een tussenuitspraak had gedaan. De kosten voor de eigen verzekeringsarts en de proceskosten voor rechtsbijstand worden vergoed, maar de werkelijke advocaatkosten komen niet voor vergoeding in aanmerking; de Raad hanteert de vaste bedragen uit het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Vragen over deze uitspraak
Waarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard terwijl appellante gelijk kreeg?
Het procesbelang ontbrak omdat het Uwv volledig aan de bezwaren tegemoet was gekomen. Appellante had het hoger beroep niet ingetrokken, maar er bestond feitelijk geen geschil meer tussen partijen.
Worden de werkelijke advocaatkosten vergoed als je in een UWV-zaak in het gelijk wordt gesteld?
Nee, de Raad begrootte de kosten voor rechtsbijstand op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht, niet op basis van de werkelijke kosten. Dat leverde € 3.628,- op, terwijl appellante € 4.650,15 had gevraagd.
Worden kosten van een eigen verzekeringsarts vergoed als je gelijk krijgt?
Ja, de kosten voor verzekeringsarts H.P. Balk, verbonden aan het rapport van 20 november 2023 dat in beroep was ingebracht, kwamen volledig voor vergoeding in aanmerking tot een bedrag van € 2.286,90.
Wat zegt deze uitspraak over de inhoudelijke beoordeling van de belastbaarheid?
Deze einduitspraak doet geen inhoudelijke uitspraken over de belastbaarheid of de FML. De inhoudelijke overwegingen staan in de tussenuitspraak van 24 september 2025 (ECLI:NL:CRVB:2025:1437).
Verwante uitspraken
- Uwv hoeft WAO-uitkering niet te verhogen omdat toegenomen arbeidsongeschiktheid binnen vijf jaar na herziening niet medisch is onderbouwd17 juni 2026
- Uwv stelt arbeidsongeschiktheid terecht vast op 57,99% en beëindigt WIA-uitkering terecht per 28 augustus 20233 september 2025
- Herleving WIA-uitkering geweigerd omdat arbeidsongeschiktheid per 9 december 2021 minder dan 35% bedraagt1 oktober 2025


