Centrale Raad van Beroep
Vervanging van een functie binnen dezelfde SBC-code verschuift de startdatum van de uitlooptermijn niet
Het hoger beroep van het Uwv richt zich tegen het oordeel van de rechtbank dat de startdatum van de uitlooptermijn van 24 maanden als bedoeld in artikel 60…
- ECLI-nummer
- ECLI:NL:CRVB:2026:84Lees de uitspraak
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Uitspraakdatum
- 21 januari 2026
In het kort
- De Raad oordeelt dat de vervanging van de functie medewerker bloemkwekerij door champignonplukker binnen SBC-code 111010 de startdatum van de 24-maandsuitloopte
- Beide functies gelden als gelijksoortig omdat zij voor ten minste 65% uit hetzelfde soort werk bestaan: in essentie oogstwerkzaamheden op vergelijkbaar niveau.
- De mate van arbeidsongeschiktheid is vastgesteld op 48,55%, na wijziging van de FML met een nachtbeperking en vervanging van een functie in de beroepsfase.
- De verzekeringsarts heeft bij het lichamelijk onderzoek niet alleen de beweeglijkheid maar ook kracht, reflexen en gevoel in de armen onderzocht; het Uwv heeft
- Het hoger beroep van het Uwv slaagt; het incidenteel hoger beroep van betrokkene slaagt niet.
Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?
Het geschil betreft twee vragen. De eerste vraag is of de vervanging van de functie medewerker bloemkwekerij door de functie champignonplukker, beide vallend in SBC-code 111010, de startdatum van de 24-maandsuitlooptermijn als bedoeld in artikel 60, derde lid, van de Wet WIA verschuift. De tweede vraag is of het Uwv de medische beperkingen van betrokkene juist heeft vastgesteld en de mate van arbeidsongeschiktheid terecht heeft berekend op 48,55%.
Betrokkene was werkzaam als senior employee operations voor gemiddeld 38,74 uur per week en meldde zich op 29 juni 2018 ziek. Na afloop van de wachttijd ontving hij met ingang van 26 juni 2020 een loongerelateerde WGA-uitkering bij een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Naar aanleiding van bezwaar van de (ex-)werkgever vond alsnog een medisch en arbeidskundig onderzoek plaats. Dit leidde tot een FML van 23 augustus 2022 en een berekende arbeidsongeschiktheid van 47,42%. In de beroepsprocedure voegde de verzekeringsarts bezwaar en beroep een nachtbeperking en een hooikoortsnota aan de FML toe, waarna de functie medewerker bloemkwekerij werd vervangen door champignonplukker binnen dezelfde SBC-code, en de arbeidsongeschiktheid opnieuw werd vastgesteld op 48,55%.
Over de uitlooptermijn oordeelt de Raad dat uit eerdere rechtspraak volgt dat de vervanging van een functie door een andere functie binnen dezelfde SBC-code geen gevolgen heeft voor de startdatum van de uitlooptermijn. Betrokkene stelde dat de twee functies ten onrechte in dezelfde SBC-code zijn ingedeeld omdat zij onvoldoende gelijksoortig zijn. De Raad verwerpt dit. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep heeft toegelicht dat beide functies in essentie oogstwerkzaamheden betreffen en voor ten minste 65% uit hetzelfde soort werk bestaan. Verschillen in werkomstandigheden, zoals temperatuur en werkhouding, zijn niet doorslaggevend; bepalend zijn de te verrichten taken en het niveau waarop die taken worden verricht. De uitlooptermijn start dan ook op 6 oktober 2022.
Over de medische beoordeling volgt de Raad de rechtbank. Ten aanzien van het Carpaal Tunnel Syndroom stelt de Raad vast dat een mislukte operatie en bilateraal CTS niet terug te vinden zijn in de medische informatie in het dossier. De verzekeringsarts heeft niet alleen de beweeglijkheid maar ook kracht, reflexen en gevoel onderzocht. Ten aanzien van de psychische klachten had betrokkene ten tijde van het spreekuur zelf geen belemmeringen geclaimd en uit de huisartsenjournaals bleek geen toename van psychische klachten rond de datum in geding. Ten aanzien van het medicatiegebruik heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep toegelicht dat de alertheidseffecten van citalopram gering zijn en dat temazepam overdag geen sufheid geeft. Het hoger beroep van het Uwv slaagt; het incidenteel hoger beroep van betrokkene slaagt niet.
Wat betekent deze uitspraak voor de werkgever?
Een werkgever die bezwaar maakt en daardoor een nieuw arbeidskundig onderzoek uitlokt, ziet de uitlooptermijn niet opschuiven als de arbeidsdeskundige in de beroepsfase een functie vervangt door een andere binnen dezelfde SBC-code. De startdatum van de uitlooptermijn blijft de datum van de oorspronkelijke aanzegging van de functies, hier 6 oktober 2022.
Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?
De werknemer krijgt geen nieuwe uitlooptermijn van 24 maanden als de arbeidsdeskundige in beroep alleen een vervangende functie binnen dezelfde SBC-code selecteert. Medische klachten die de werknemer aanvoert, maar die niet terugkomen in de dossierinformatie en niet worden ondersteund door eigen medische stukken, leiden niet tot aanvullende beperkingen in de FML.
Vragen over deze uitspraak
Wanneer gaat de uitlooptermijn van 24 maanden lopen als in de beroepsfase een functie wordt vervangen?
De uitlooptermijn begint te lopen op de datum waarop de functies oorspronkelijk zijn aangezegd, mits de vervangende functie binnen dezelfde SBC-code valt. De Raad bevestigt dat de vervanging van de functie medewerker bloemkwekerij door champignonplukker, beide in SBC-code 111010, de startdatum van 6 oktober 2022 ongewijzigd laat.
Wanneer zijn twee functies gelijksoortig genoeg om in dezelfde SBC-code te vallen?
Functies zijn gelijksoortig als zij voor ten minste 65% uit hetzelfde soort werk bestaan, waarbij de te verrichten taken en het niveau doorslaggevend zijn, niet de doelstelling van de werkzaamheden. Verschillen in werkomstandigheden zoals temperatuur of werkhouding zijn volgens de Raad niet voldoende om functies in verschillende SBC-codes onder te brengen.
Moet het Uwv rekening houden met de invloed van medicatie op de rijvaardigheid bij het vaststellen van beperkingen?
Het Uwv moet de bijwerkingen van medicatie beoordelen, maar dat leidt niet automatisch tot beperkingen. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft toegelicht dat de effecten van citalopram op de alertheid gering zijn en dat temazepam alleen de eerste acht uur na inname sufheid geeft, zodat overdag geen verminderde alertheid te verwachten is.
Weegt een suïcidepoging kort voor de datum in geding mee bij de beoordeling van psychische beperkingen?
De Raad ziet onvoldoende aanknopingspunten om te veronderstellen dat de verzekeringsartsen de ernst van de psychische klachten hebben onderschat. Betrokkene had bij het spreekuur zelf geen belemmeringen geclaimd, en uit de huisartsenjournaals bleek rond de datum in geding geen toename van psychische klachten.
Verwante uitspraken
- WIA-uitkering terecht beëindigd per 29 juni 2024 omdat appellante minder dan 35% arbeidsongeschikt is8 oktober 2025
- WGA-uitkering eindigt van rechtswege na een jaar meer dan 65% maatmaninkomen verdienen, zonder arbeidskundige herbeoordeling16 juli 2026
- Uwv hoeft niet terug te komen van WAO-besluit van 28 september 2020 omdat appellant geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd1 juli 2026


