Centrale Raad van Beroep
Weigering permanente en tijdelijke ontheffing arbeidsverplichtingen PW terecht omdat aanvrager geen begin van bewijs leverde
Afwijzing aanvragen. Geen ontheffing arbeidsverplichtingen. Geen begin van bewijs.
- ECLI-nummer
- ECLI:NL:CRVB:2026:39Lees de uitspraak
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Uitspraakdatum
- 13 januari 2026
In het kort
- Appellante ontvangt sinds 1 maart 1997 bijstand naar de norm voor gehuwden op grond van de Participatiewet.
- De aanvragen om ontheffing van 3 februari 2023 en 21 februari 2024 werden door het college afgewezen bij besluiten van 2 maart 2023 en 3 april 2024, na bezwaar
- Wie een permanente ontheffing (artikel 9 lid 5 PW) of tijdelijke ontheffing (artikel 9 lid 2 PW) aanvraagt, moet zelf ten minste een begin van bewijs leveren va
- Appellante leverde geen medische stukken en zegde afspraken met de activeringscoach stelselmatig af; daardoor was het college niet verplicht een medisch onderzo
- De Centrale Raad van Beroep bevestigt op 13 januari 2026 beide aangevallen uitspraken van de rechtbank Rotterdam.
Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?
Appellante ontvangt sinds 1 maart 1997 bijstand naar de norm voor gehuwden, laatstelijk op grond van de Participatiewet. In 2020 verleende het college haar een tijdelijke ontheffing van de arbeidsverplichtingen voor de periode van 25 maart 2020 tot en met 24 maart 2022. In een latere procedure trok appellante haar hoger beroep in, onder de toezegging van het college dat aangeleverde medische informatie naar een medisch adviseur zou worden doorgeleid, mits die informatie een redelijk aanknopingspunt voor nader onderzoek bevatte.
Op 3 februari 2023 en 21 februari 2024 diende appellante opnieuw aanvragen in om ontheffing van de verplichtingen van artikel 9 PW wegens beperkingen en klachten. Het college wees beide aanvragen af. Appellante stelde dat zij een begin van bewijs had geleverd, dat het college haar eerder had ontheven, en dat een activeringscoach van de gemeente in een e-mail van 3 maart 2023 had aangegeven dat de mogelijkheid bestond haar een ontheffing te verlenen. Zij betoogde dat het college haar medisch had moeten onderzoeken alvorens te beslissen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing. Wie een beroep doet op artikel 9, vijfde lid, PW moet aannemelijk maken dat hij volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is; daarvoor is ten minste een begin van bewijs vereist. Hetzelfde geldt bij een aanvraag om tijdelijke ontheffing op grond van artikel 9, tweede lid, PW: ook dan is het aan de aanvrager om met een begin van bewijs te komen waaruit blijkt dat er beperkingen zijn waardoor niet aan de verplichtingen kan worden voldaan.
Appellante onderbouwde haar aanvragen niet met medische stukken en zegde de afspraken met de activeringscoach stelselmatig af. Daarmee leverde zij het vereiste begin van bewijs niet. Onder die omstandigheden was het college niet gehouden haar eerst medisch te onderzoeken. De eerder verleende tijdelijke ontheffing en de e-mail van de activeringscoach veranderen dat oordeel niet: de ontheffing uit 2020 had een tijdelijk karakter, en de activeringscoach koppelde de mogelijkheid van een ontheffing in diezelfde e-mail aan het verschijnen van appellante op gesprekken.
Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?
Een bijstandsgerechtigde die wil worden vrijgesteld van de arbeidsverplichtingen moet dat zelf onderbouwen met medische stukken; zonder die onderbouwing en zonder medewerking aan gesprekken met een activeringscoach wijst het college de aanvraag terecht af. Een eerdere tijdelijke ontheffing en een positieve opmerking van een activeringscoach zijn onvoldoende om het college te verplichten een medisch onderzoek te starten.
Vragen over deze uitspraak
Wanneer moet het college iemand medisch laten onderzoeken bij een ontheffingsaanvraag?
Het college is pas gehouden een medisch onderzoek in te stellen als de aanvrager ten minste een begin van bewijs heeft geleverd. Levert de aanvrager geen medische stukken en werkt hij niet mee aan gesprekken, dan hoeft het college daar niet op te wachten.
Heeft een eerder verleende tijdelijke ontheffing invloed op een nieuwe aanvraag?
Nee, een eerdere tijdelijke ontheffing betekent niet dat een nieuwe aanvraag niet hoeft te worden onderbouwd. De eerder verleende ontheffing had een tijdelijk karakter en de aanvrager wist welke informatie voor een nieuwe aanvraag nodig was.
Wat weegt mee als bewijs voor een ontheffing van de arbeidsverplichtingen?
Voor een permanente ontheffing (artikel 9 lid 5 PW) moet de aanvrager aannemelijk maken dat hij volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is. Voor een tijdelijke ontheffing (artikel 9 lid 2 PW) moet hij met een begin van bewijs komen waaruit blijkt dat beperkingen hem verhinderen aan de verplichtingen te voldoen. Een mededeling van een activeringscoach dat een ontheffing mogelijk is, is daarvoor onvoldoende als die mogelijkheid gekoppeld is aan het verschijnen
Wat gebeurt er als iemand afspraken met de activeringscoach stelselmatig afzegt?
Door het stelselmatig afzeggen van afspraken is het onmogelijk te bepalen in welke mate de betrokkene beperkt is dan wel welke medisch adviseur zou moeten worden ingeschakeld. Dat gebrek aan medewerking komt voor rekening van de aanvrager en rechtvaardigt de afwijzing van de ontheffingsaanvraag.
Verwante uitspraken
- Bijzondere bijstand voor woninginrichting en permanente ontheffing arbeidsverplichtingen terecht geweigerd bij onvoldoende bewijs bijzondere omstandigheden en arbeidsongeschiktheid31 maart 2026
- Verkoop van woning onder executiedreiging levert geen tekortschietend besef van verantwoordelijkheid op en maatregel wordt herroepen28 april 2026
- Wajong-uitkering geweigerd omdat het ontbreken van basale werknemersvaardigheden bij appellant niet duurzaam is22 oktober 2025


