Centrale Raad van Beroep
Raad verhoogt arbeidsongeschiktheidspercentage naar 62,33% na deskundigenrapport psychiater over persoonlijkheidsstoornissen en dysthymie
Toekenning Loongerelateerde WGA-vervolguitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 62,33%.
- ECLI-nummer
- ECLI:NL:CRVB:2026:93Lees de uitspraak
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Uitspraakdatum
- 22 januari 2026
In het kort
- Per 23 januari 2020 wordt de arbeidsongeschiktheid van appellant vastgesteld op 62,33%, na aanpassing van de FML op grond van het deskundigenrapport van psychia
- Deskundige Hernandez-Dwarkasing stelde vier diagnoses vast op datum in geding: paranoïde persoonlijkheidsstoornis, dwangmatige persoonlijkheidsstoornis, vermijd
- De FML van 1 oktober 2024 bevat aanvullende matige beperkingen op de items uiten van gevoelens, hanteren van emotionele problemen van anderen, omgaan met confli
- Het Uwv verklaarde het bezwaar van appellant bij besluit van 11 november 2024 alsnog gegrond; de WGA-vervolguitkering blijft berekend naar een uitkeringspercent
- Appellant krijgt het in beroep en hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal 182 euro vergoed.
Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?
Appellant, van beroep arts, meldde zich op 26 juni 2015 ziek en ontving na de wachttijd een WGA-uitkering. Bij herbeoordeling per 23 januari 2020 stelde het Uwv de mate van arbeidsongeschiktheid vast op 55 tot 65% (berekend op 58,90%). Appellant stelde dat hij meer beperkingen had dan het Uwv had aangenomen, zowel psychisch als fysiek, en kon zich niet vinden in de geselecteerde functies.
De rechtbank Oost-Brabant verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep benoemde de Raad eerst verzekeringsarts Greveling-Fockens als deskundige, maar zij gaf de opdracht terug omdat zij op basis van de brief van de behandelend psychiater, die appellant pas vanaf april 2021 onder behandeling had, geen aanleiding zag de gestelde diagnoses op datum in geding te onderschrijven. Vervolgens benoemde de Raad psychiater Hernandez-Dwarkasing als deskundige.
De deskundige onderzocht appellant, liet aanvullend persoonlijkheidsonderzoek verrichten en concludeerde dat op de datum in geding sprake was van een paranoïde persoonlijkheidsstoornis, een dwangmatige persoonlijkheidsstoornis, een vermijdende persoonlijkheidsstoornis en een persisterende depressieve stoornis (dysthymie) met angstige spanning. De verzekeringsartsen hadden onvoldoende rekening gehouden met de psychische klachten. De FML diende te worden aangevuld met matige beperkingen op de items uiten van gevoelens, hanteren van emotionele problemen van anderen, omgaan met conflicten, samenwerken en herinneren.
Het Uwv paste de FML aan op 1 oktober 2024 en berekende de arbeidsongeschiktheid opnieuw op 62,33%. Met een beslissing op bezwaar van 11 november 2024 verklaarde het Uwv het bezwaar alsnog gegrond. De deskundige stemde in met de gewijzigde FML. De Raad volgde het rapport van de deskundige omdat het blijk gaf van zorgvuldig onderzoek en inzichtelijk en consistent was.
Ten aanzien van de lichamelijke klachten oordeelde de Raad dat appellant geen medische gegevens had ingebracht die een ander licht wierpen op de beperkingen op de datum in geding. Ontwikkelingen na 23 januari 2020 lagen niet ter beoordeling voor. De Raad zag geen aanleiding alsnog een onafhankelijke verzekeringsarts te benoemen. De geselecteerde functies textielproductenmaker, productiemedewerker industrie, administratief medewerker correspondent, wikkelaar en administratief medewerker (document scannen) werden geschikt geacht op basis van de aangepaste FML.
De Raad vernietigde de aangevallen uitspraak en bestreden besluit 1, en verklaarde het beroep tegen bestreden besluit 2 ongegrond. Het griffierecht van 182 euro wordt vergoed.
Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?
De Raad heeft bevestigd dat de arbeidsongeschiktheid per 23 januari 2020 wordt vastgesteld op 62,33%, wat leidt tot een WGA-vervolguitkering berekend naar een uitkeringspercentage van 55 tot 65%. De aanvullende psychische beperkingen die de deskundige heeft vastgesteld, zijn in de FML opgenomen, maar dat heeft de geschiktheid van de geselecteerde functies niet weggenomen. Klachten die na de datum in geding zijn ontstaan of verergerd, worden in deze procedure niet meegewogen; daarvoor is een afzonderlijke beoordeling nodig.
Vragen over deze uitspraak
Waarom werd er een psychiater als deskundige benoemd en geen verzekeringsarts?
De eerst benoemde verzekeringsarts, Greveling-Fockens, gaf de opdracht terug omdat zij op basis van de brief van de behandelend psychiater geen aanleiding zag de gestelde diagnoses op datum in geding te onderschrijven, mede omdat die psychiater appellant pas vanaf april 2021 onder behandeling had. De Raad volgde haar advies om eerst een psychiater te benoemen.
Welke beperkingen zijn er in de FML toegevoegd na het deskundigenrapport?
De FML is aangevuld met matige beperkingen op de items uiten van gevoelens, hanteren van emotionele problemen van anderen, omgaan met conflicten, samenwerken en herinneren. Deze beperkingen vloeien voort uit de vastgestelde persisterende depressieve stoornis en de onderliggende persoonlijkheidspathologie.
Telt een verslechtering van de gezondheid na de datum in geding mee bij de beoordeling?
Nee. Het gaat bij de beoordeling uitsluitend om de medische beperkingen en belastbaarheid op de datum in geding, 23 januari 2020. Ontwikkelingen die zich na die datum hebben voorgedaan, blijven buiten beschouwing.
Welke functies zijn geschikt bevonden na de aanpassing van de FML?
De Raad achtte de functies textielproductenmaker (SBC-code 111160), productiemedewerker industrie/samensteller (SBC-code 111180), administratief medewerker/correspondent (SBC-code 515100), wikkelaar (SBC-code 267053) en administratief medewerker document scannen (SBC-code 315133) geschikt. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep had de signaleringen van belastende factoren in die functies op toereikende wijze besproken.
Verwante uitspraken
- Arbeidsongeschiktheidspercentage van 41,72% per 8 september 2022 blijft in stand ondanks latere volledige arbeidsongeschiktheid15 juli 2026
- Centrale Raad van Beroep bevestigt arbeidsongeschiktheidspercentage van 43,8% ondanks betwiste beperkingen en deskundigenadvies8 oktober 2025
- Arbeidsongeschiktheidspercentage van 59,21% blijft in stand ondanks beroep op zwaardere beperkingen en IVA-uitkering23 april 2026


