Naar inhoud
Jurisprudentie

Centrale Raad van Beroep

Svb mag ANW-uitkering herzien en terugvorderen na nabetaling Wajong met terugwerkende kracht; geen dringende reden aanwezig

Herziening en terugvordering ANW-uitkering op de grond dat aan appellante met terugwerkende kracht en Wajong-uitkering is toegekend terecht.

ECLI-nummer
ECLI:NL:CRVB:2025:1339Lees de uitspraak
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
11 september 2025

In het kort

  • De Svb vorderde € 12.412,73 bruto terug over de periode november 2018 tot en met september 2020 na een nabetaling Wajong van € 13.153,33.
  • Beleidsregel SB1407 geldt vanaf 8 maart 2024 en is van toepassing op alle zaken waarin het besluit nog niet rechtens onaantastbaar is.
  • Hoofdregel SB1407 bij nabetaling door een andere instantie: de ANW-uitkering wordt met dezelfde terugwerkende kracht verlaagd of ingetrokken.
  • De Raad oordeelde dat noch appellante noch de Svb een verwijt kan worden gemaakt, zodat de evenredigheidstoets geen grond biedt voor matiging.
  • Na vijf jaar kan appellante op grond van artikel 53, tweede lid, ANW verzoeken om (verdere) terugvordering achterwege te laten.

Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?

Appellante ontving vanaf juli 2016 een ANW-uitkering. Aan haar werd met terugwerkende kracht, met ingang van 17 januari 2017, een Wajong-uitkering toegekend die later werd ingetrokken en in oktober 2020 opnieuw werd toegekend. In oktober 2020 ontving appellante een nabetaling van het Uwv van € 13.153,33 over de periode november 2018 tot en met oktober 2020. De Svb herzag daarop de ANW-uitkering over de periode november 2018 tot en met september 2020 en vorderde € 12.412,73 bruto terug.

Het geschil in hoger beroep betrof uitsluitend de vraag of er dringende redenen aanwezig waren om geheel of gedeeltelijk van herziening en terugvordering af te zien. Schending van de inlichtingenplicht lag niet ten grondslag aan de herziening; de Svb heeft dat ter zitting bevestigd.

De Raad beoordeelde de zaak aan de hand van de nieuwe beleidsregel SB1407, die de Svb vanaf 8 maart 2024 hanteert en die van toepassing is op alle zaken waarin het besluit nog niet rechtens onaantastbaar is. Hoofdregel van SB1407 is dat bij een nabetaling van een andere instantie de uitkering met dezelfde terugwerkende kracht wordt verlaagd of ingetrokken. Afwijking is mogelijk als bijzondere omstandigheden de terugwerkende kracht onevenredig maken; daarbij weegt de Svb de mate van verwijtbaarheid aan beide zijden.

De Raad oordeelde dat aan de zijde van appellante noch aan de zijde van de Svb sprake was van verwijtbaar handelen, zodat de evenredigheidstoets geen grond bood voor matiging. Wat betreft de financiële gevolgen overwoog de Raad dat daarmee in beginsel voldoende rekening wordt gehouden bij de invordering, waarbij de Svb rekening houdt met de excessieve leefkosten van appellante vanwege haar beperkingen en met de tegemoetkomingen die zij ontvangt voor woonkosten en voor de auto die als medisch hulpmiddel is aangemerkt.

Ten overvloede wees de Raad erop dat appellante na vijf jaar een verzoek kan doen aan de Svb om op grond van artikel 53, tweede lid, van de ANW van verdere terugvordering af te zien, mits op dat moment sprake is van een van de in die bepaling aangeduide situaties. Het hoger beroep slaagt niet en de aangevallen uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 18 juli 2023 wordt bevestigd.

Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?

De herziening en terugvordering van de ANW-uitkering over de periode november 2018 tot en met september 2020 blijven in stand; appellante moet € 12.412,73 bruto terugbetalen. De Raad oordeelde dat hoge woonlasten, medische kosten en de verwarrende besluitvorming over de Wajong geen dringende reden vormen om van herziening of terugvordering af te zien, mede omdat de Svb bij de invordering rekening houdt met de excessieve leefkosten en de ontvangen tegemoetkomingen. Na vijf jaar staat de mogelijkheid open om de Svb te verzoeken op grond van artikel 53, tweede lid, van de ANW van verdere terugvordering af te zien.

Vragen over deze uitspraak

Wanneer mag de Svb een ANW-uitkering met terugwerkende kracht herzien na een nabetaling van het Uwv?

De Svb mag de ANW-uitkering herzien met dezelfde terugwerkende kracht als de nabetaling, ook als de betrokkene de inlichtingenplicht niet heeft geschonden. Beleidsregel SB1407 stelt dat bij een nabetaling van een andere instantie de uitkering met dezelfde terugwerkende kracht wordt verlaagd of ingetrokken. Afwijking is alleen mogelijk als bijzondere omstandigheden de terugwerkende kracht onevenredig maken.

Wat zijn dringende redenen om van herziening of terugvordering af te zien?

Hoge woonlasten, medische kosten en de verwarrende besluitvorming over de Wajong leverden in deze zaak geen dringende reden op. De Raad oordeelde dat financiële gevolgen in beginsel voldoende worden meegewogen bij de invordering, en dat tegemoetkomingen voor woonkosten en een auto als medisch hulpmiddel al in de beoordeling waren betrokken. Alleen als de bijzondere omstandigheden de terugwerkende kracht onevenredig maken kan de Svb geheel of gedeeltelijk afzien.

Kan de terugvordering ooit stoppen als je hem niet in één keer kunt terugbetalen?

Na vijf jaar kan de betrokkene de Svb verzoeken om op grond van artikel 53, tweede lid, van de ANW van verdere terugvordering af te zien. Dat is alleen mogelijk als op dat moment sprake is van een van de vier in die bepaling aangeduide situaties. De Svb heeft ter zitting bevestigd dat deze mogelijkheid ook voor appellante openstaat.

Geldt het nieuwe soepelere beleid SB1407 ook voor lopende zaken?

Ja, de Svb past SB1407 toe in alle zaken waarin het besluit nog niet rechtens onaantastbaar is. De beleidsregel geldt vanaf 8 maart 2024. In deze zaak leidde toepassing van SB1407 echter niet tot een andere uitkomst.

Verwante uitspraken

Alle jurisprudentieArbeidsdeskundigloket