Naar inhoud
Jurisprudentie

Centrale Raad van Beroep

Het Uwv wordt veroordeeld in de proceskosten na intrekking van het hoger beroep in een WIA-zaak

Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep.

ECLI-nummer
ECLI:NL:CRVB:2026:900Lees de uitspraak
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
2 juli 2026

In het kort

  • Het Uwv heeft het hoger beroep ingetrokken nadat het op 19 maart 2026 een gewijzigde beslissing op bezwaar had genomen.
  • De Raad veroordeelt het Uwv in de proceskosten van betrokkene tot een bedrag van 1.868 euro voor verleende rechtsbijstand.
  • De kosten zijn berekend op 2 punten à 934 euro per punt: 1 punt voor het verweerschrift en 1 punt voor de zitting.
  • Het verzoek om vergoeding van kosten voor een medisch adviseur in beroep valt buiten de omvang van het geding.
  • Verzekeringsarts F.J. Perquin werd door de Raad als deskundige benoemd en rapporteerde op 12 februari 2026.

Wat besliste de Centrale Raad van Beroep?

Het Uwv had hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Overijssel van 14 februari 2024. Tijdens de behandeling van het hoger beroep heeft de Raad het onderzoek heropend en een deskundige benoemd, verzekeringsarts F.J. Perquin, die op 12 februari 2026 rapporteerde. Naar aanleiding daarvan heeft het Uwv op 19 maart 2026 een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen en vervolgens op 1 mei 2026 het hoger beroep ingetrokken.

Na de intrekking verzocht betrokkene het Uwv te veroordelen in de proceskosten. De Raad heeft dit verzoek toegewezen op grond van artikel 8:118, eerste lid, van de Awb, dat bepaalt dat bij intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek kan worden veroordeeld in de proceskosten.

De proceskosten zijn begroot op 1.868 euro voor verleende rechtsbijstand, berekend op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht: 1 punt voor het indienen van een verweerschrift en 1 punt voor het bijwonen van de zitting, met een waarde van 934 euro per punt.

Het verzoek van betrokkene om ook vergoeding van de kosten voor een medisch adviseur in beroep valt buiten de omvang van het geding, omdat de rechtbank al een proceskostenveroordeling in eerste aanleg had uitgesproken en betrokkene daartegen niet was opgekomen. Over de inhoud van de WIA-beoordeling, de belastbaarheid of de functies spreekt de Raad zich in deze uitspraak niet uit.

Wat betekent deze uitspraak voor de werkgever?

De ex-werkgever van betrokkene nam via mr. M. Zuidema deel aan de zitting van 1 oktober 2025, maar de uitspraak gaat uitsluitend over de proceskostenveroordeling na intrekking van het hoger beroep door het Uwv. Er volgt uit deze uitspraak niets voor de positie van de werkgever ten aanzien van de WIA-beoordeling zelf.

Wat betekent deze uitspraak voor de werknemer?

Betrokkene ontvangt 1.868 euro aan proceskosten vergoed, omdat het Uwv het hoger beroep heeft ingetrokken nadat een door de Raad benoemde deskundige had gerapporteerd en het Uwv een gewijzigde beslissing op bezwaar had genomen. Het verzoek om ook de kosten van de medisch adviseur uit de beroepsfase te vergoeden, is afgewezen omdat betrokkene de proceskostenveroordeling van de rechtbank niet had aangevochten.

Vragen over deze uitspraak

Waarom moet het Uwv de proceskosten betalen?

Het Uwv heeft het hoger beroep zelf ingetrokken. Op grond van artikel 8:118, eerste lid, van de Awb kan het bestuursorgaan bij intrekking van het hoger beroep worden veroordeeld in de proceskosten, en de Raad ziet daartoe aanleiding omdat betrokkene redelijkerwijs kosten heeft moeten maken.

Hoe hoog zijn de proceskosten die het Uwv moet vergoeden?

Het Uwv moet 1.868 euro betalen. Dit bedrag is opgebouwd uit 2 punten à 934 euro per punt: één punt voor het indienen van een verweerschrift en één punt voor het bijwonen van de zitting.

Waarom worden de kosten van de medisch adviseur niet vergoed?

Die kosten hadden betrekking op de procedure in beroep bij de rechtbank. De rechtbank had al een proceskostenveroordeling in eerste aanleg uitgesproken en betrokkene was daartegen niet opgekomen, waardoor dit verzoek buiten de omvang van het geding valt.

Verwante uitspraken

Alle jurisprudentieArbeidsdeskundigloket