Naar inhoud
Alle nieuws

WIA · 15 juli 2026

Verzekeraars en arbodiensten willen IVA behouden en tweede ziektejaar omvormen tot springplank

Het Verbond van Verzekeraars, OVAL en PPUSZ roepen de politiek op de IVA niet af te schaffen en het tweede ziektejaar actiever in te richten. Afschaffing van de IVA verplaatst het capaciteitsprobleem bij het UWV volgens hen alleen maar.

Drie partijen uit het sociale zekerheidsstelsel trekken gezamenlijk aan de bel over de plannen van het kabinet voor de WIA. Het Verbond van Verzekeraars, branchevereniging OVAL en het Platform Private Uitvoerders Sociale Zekerheid (PPUSZ) pleiten ervoor de IVA te behouden, het tweede ziektejaar actiever te benutten en het UWV meer gebruik te laten maken van al beschikbare medische informatie.

De drie organisaties reageren op een klimaat waarin, zoals zij schrijven, mensen maanden wachten op een keuring, verzekeringsartsen het vak verlaten en de minister erkent dat het WIA-systeem dreigt vast te lopen. De partijen herkennen die urgentie, maar stellen dat de oplossing ligt op een plek waar het debat nu nauwelijks over gaat. Hun oproep verscheen ook in het FD.

Close-up of a sturdy workbench vise with worn leather gloves resting beside it, bathed in soft light.

IVA afschaffen verplaatst het probleem

Het kabinet wil de IVA, de uitkering voor mensen die duurzaam arbeidsongeschikt zijn, voor nieuwe gevallen afschaffen. Het argument is dat de duurzaamheidskeuringen te veel capaciteit kosten. De drie organisaties bestrijden die redenering: afschaffing lost het capaciteitsprobleem niet op, het verplaatst het.

Zonder de IVA-status zouden mensen periodiek herkeurd moeten worden, ook als ze bijvoorbeeld permanent vanaf de nek verlamd zijn. Tegelijk vervalt daarmee de inkomenszekerheid voor de groep die die zekerheid het hardst nodig heeft, namelijk mensen bij wie herstel geen reële optie is. De organisaties stellen dat bestaanszekerheid geen luxe is en kwalificeren afschaffing van de IVA als een schijnoplossing voor een uitvoeringsprobleem.

De winst zit vóór de WIA-poort

Wie de instroom in de WIA wil beperken, moet de eerste twee ziektejaren beter benutten. Zo redeneren de drie partijen. In Nederland heeft een zieke werknemer twee jaar lang recht op loondoorbetaling door zijn werkgever, een systeem dat bewust zo is ingericht zodat werkgevers een directe prikkel hebben om te investeren in herstel en werkhervatting.

Volgens de organisaties gaat het nu te vaak mis in de uitvoering van die twee jaar. Voor veel werknemers is na een jaar ziekte al wel duidelijk dat terugkeer bij de eigen werkgever niet realistisch is, terwijl veel werkgevers intussen graag een nieuwe collega willen aannemen. Toch wordt die stap zelden gezet. Werkgever en werknemer bewandelen tegelijk het eerste en het tweede spoor, wat de gerichte ondersteuning ondermijnt die nodig is om iemand echt te helpen. Het resultaat omschrijven de drie partijen als een tweede jaar dat meer op een wachtkamer lijkt dan op een springplank.

An empty, sunlit consultation room with two chairs and a small table, hinting at quiet conversation.

Drie concrete stappen voorgesteld

De organisaties doen drie concrete voorstellen. Ten eerste pleiten zij voor behoud van de IVA voor mensen zonder herstelperspectief. Ten tweede willen zij het tweede ziektejaar omvormen tot een activerende periode. Dat betekent duidelijker kiezen voor het tweede spoor als terugkeer bij de eigen werkgever niet realistisch is.

Concreet noemen zij de mogelijkheid van detachering bij een nieuwe werkgever tijdens het tweede ziektejaar, zodat werknemer en werkgever kunnen ervaren of de samenwerking werkt zonder dat de oude arbeidsrelatie meteen hoeft te worden verbroken. Daarnaast pleiten zij voor uitbreiding van de no-riskpolis, de regeling die nieuwe werkgevers financieel beschermt als iemand die ze in dienst nemen opnieuw uitvalt. Die mogelijkheid bestaat al, maar wordt nog onvoldoende benut. Ook willen zij investeren in de eigen regie van de zieke werknemer. Onderzoek laat volgens hen zien dat versterking van die eigen regie in het re-integratieproces aantoonbaar verschil maakt.

Het derde voorstel richt zich op het keuringsproces zelf. Verzekeringsartsen zouden hun oordeel in principe moeten baseren op de medische informatie die al beschikbaar is, opgebouwd door bedrijfsarts, huisarts en behandelend specialist in de eerste twee ziektejaren. Nieuw medisch onderzoek door een UWV-arts zou dan alleen hoeven plaatsvinden op verzoek van werknemer, werkgever of bedrijfsarts. Wie zijn capaciteit richt op de complexe gevallen, maakt meer tijd vrij voor de mensen die het echt nodig hebben.

A long, sun-drenched corridor in an industrial building, leading towards a bright exit, symbolizing progress.

Drie directeuren ondertekenen de oproep

De oproep is ondertekend door Harold Herbert als directeur van het Verbond van Verzekeraars, Karin Hoogteijling als directeur van OVAL en Sven Kelder als voorzitter van PPUSZ. De drie organisaties vertegenwoordigen respectievelijk verzekeraars en partijen die zich richten op preventie, activering en re-integratie.

Hun gezamenlijke boodschap aan de politiek is dat het recept voor een stelsel dat werkt, bestaat uit een betere uitvoering. Voor arbeidsdeskundigen, casemanagers en bedrijfsartsen betekenen de voorstellen in de praktijk een pleidooi voor vroeger en gerichter handelen in het tweede ziektejaar, met minder nadruk op het afwachten van een WIA-keuring en meer op een daadwerkelijke stap naar ander werk.

Verder lezen