Naar inhoud
Alle nieuws

Beleid en wetgeving · 23 juli 2026

Minister Aartsen ziet af van grootschalig onderzoek naar bestrijdingsmiddelen en gezondheid in de landbouw

Minister Aartsen (Werk en Participatie) laat het grootschalige agrarische cohortonderzoek naar gezondheidseffecten van bestrijdingsmiddelen niet uitvoeren. De opstartkosten worden geraamd op 2,5 miljoen euro, waarna elke vervolgstap nog eens 1 miljoen euro kost.

Minister Aartsen van Werk en Participatie laat het grootschalige agrarische cohortonderzoek naar gezondheidseffecten van bestrijdingsmiddelen niet uitvoeren. Dat maakte hij bekend in een Kamerbrief van 31 maart 2026. Het RIVM had eerder berekend dat zo'n studie technisch haalbaar is, maar de kosten en doorlooptijd wegen voor de minister te zwaar om nu te starten.

Het besluit raakt een discussie die al jaren speelt: in hoeverre maakt werken met bestrijdingsmiddelen in de landbouw mensen ziek, en wanneer komt dat in aanmerking voor erkenning als beroepsziekte? Jaarlijks overlijden naar schatting 3.000 mensen in Nederland voortijdig als gevolg van blootstelling aan gevaarlijke stoffen op het werk.

Farmer's hands gently inspecting young plant leaves in a field.

Wat het RIVM onderzocht en wat het adviseerde

Het RIVM voerde een haalbaarheidsonderzoek uit naar de mogelijkheden om gezondheidseffecten van bestrijdingsmiddelen bij werkenden in de landbouw te bestuderen. De uitkomst was helder: de meest geschikte aanpak is een agrarisch cohortonderzoek van minimaal 10 tot 20 jaar bij een grote groep werkenden in de agrarische sector. Zo'n onderzoek zou blootstelling aan specifieke middelen kunnen koppelen aan het ontstaan van ziekten, waaronder Parkinson.

De schaal die daarvoor nodig is, is aanzienlijk. De opstartfase alleen al kost naar schatting 2,5 miljoen euro. Elke vervolgstap vraagt nog eens 1 miljoen euro. Daarnaast zijn circa 30.000 boeren, tuinders en medewerkers nodig als deelnemers. Dat vereist een langdurige samenwerking tussen overheid en agrarische sector.

Het RIVM concludeerde dat het onderzoek technisch haalbaar is, maar de benodigde investering in tijd en middelen bracht minister Aartsen ertoe het niet te starten. De middelen zijn op dit moment niet beschikbaar, aldus de minister.

Achtergrond: Parkinson en de motie uit 2023

De aanleiding voor het RIVM-haalbaarheidsonderzoek lag in de Tweede Kamer. In 2023 nam de Kamer een motie aan van toenmalig Kamerlid Tjeerd de Groot (D66) om via statistisch onderzoek te bepalen of Parkinson officieel als beroepsziekte voor landbouwers moet worden aangewezen. Buitenlands onderzoek heeft een verband aangetoond tussen blootstelling van landbouwers aan bestrijdingsmiddelen en de ziekte van Parkinson. In Frankrijk is Parkinson inmiddels erkend als beroepsziekte onder wijnboeren, mede door het vaker voorkomen van de ziekte in wijngebieden.

Al in 2014 waarschuwde de Gezondheidsraad voor de effecten van bestrijdingsmiddelen op agrariërs en omwonenden. Naast Parkinson zijn er in internationaal onderzoek ook aanwijzingen gevonden voor verbanden met COPD en leukemie bij kinderen, en met ontwikkelingsproblemen bij kinderen van zwangere vrouwen die werden blootgesteld.

In Nederland woont bovendien ongeveer 30% van de bevolking in landelijk gebied binnen 250 meter van een landbouwperceel. Onderzoek van het RIVM toonde aan dat omwonenden van bloembollenvelden bestrijdingsmiddelen binnenkrijgen, met resten in buitenlucht, huisstof en urine van volwassenen en kinderen. De gemeten gehalten kwamen niet boven de risicogrenzen, maar het RIVM stelt dat meer onderzoek nodig is naar het totale risico van alle bestrijdingsmiddelen voor omwonenden.

Empty agricultural field at misty dawn, rows of young crops stretching to horizon.

Wat de minister in de tussentijd afwacht

Minister Aartsen wacht op twee externe ontwikkelingen voordat hij een volgend besluit neemt. Ten eerste wil hij de resultaten afwachten van soortgelijke onderzoeken in andere landen. Ten tweede wacht hij op een advies van de onafhankelijke Adviescommissie Lijst beroepsziekten, de ALb, over Parkinson als erkende beroepsziekte in Nederland.

Ondertussen loopt er wel degelijk onderzoek op kleinere schaal. Het RIVM doet via het SPARK-onderzoek werk aan de mogelijke relatie tussen bestrijdingsmiddelen en Parkinson. Dat onderzoek richt zich op het verbeteren van testmethodes en toelatingseisen en loopt door tot 2029.

Het RIVM benadrukt daarnaast dat risico's bij gevaarlijke stoffen op het werk vaak pas worden herkend nadat mensen ziek zijn geworden. Het instituut pleit voor een zogeheten risk-first-benadering, waarbij gevaarlijke stoffen en risicovolle werksituaties eerder in beeld komen, nog voordat gezondheidsschade zich voordoet.

Farmer standing alone, overlooking a vast field at sunrise, contemplating the landscape.

Betekenis voor de praktijk rond beroepsziekten

Voor arbeidsdeskundigen, bedrijfsartsen en casemanagers die werken met werknemers uit de agrarische sector betekent het besluit van minister Aartsen dat een nationaal referentieonderzoek naar blootstelling en ziekte voorlopig uitblijft. De erkenning van Parkinson als beroepsziekte voor landbouwers in Nederland hangt daarmee af van het ALb-advies en van wat buitenlandse studies opleveren. Zolang die uitkomsten er niet zijn, blijft de bewijslast in individuele dossiers over werkgerelateerde blootstelling aan bestrijdingsmiddelen liggen waar hij nu ook ligt: bij de werknemer en zijn behandelaars.

Verder lezen